Personeelstekort en werkdruk verdringen sociaal beleid

Door krapte op de arbeidsmarkt zijn werkgevers veel tijd kwijt aan de werving en selectie van personeel. Daarnaast moeten ze alle zeilen bijzetten om de werkdruk beheersbaar te houden. Andere personeelsthema's krijgen minder aandacht. Dat blijkt uit onderzoek van het SCP.

18 oktober 2019 | Door redactie

Werkgevers zien graag meer inclusiviteit op de werkvloer en voelen zich verantwoordelijk voor de duurzame inzetbaarheid van hun werknemers. Maar in de praktijk blijken ze hiervoor vaak geen concrete maatregelen te nemen en vinden ze het meer een taak voor de overheid. Dat is te lezen in de publicatie ‘Arbeidsmarkt in kaart: werkgevers – editie 2’ van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP). Toch zou het verstandig zijn als werkgevers werken aan een inclusief personeelsbestand en aan duurzame inzetbaarheid. Want bijvoorbeeld door de vergrijzing op de arbeidsmarkt en een lichte toename van het aandeel vrouwen, zijn onder andere leeftijdsfasebeleid en het faciliteren van arbeid en zorg nodig.

Personeelstekort en werkdruk

Maar liefst 60% van de werkgevers ervaart het aantrekken van nieuw personeel en het beheersen van de werkdruk als knelpunten in het personeelsbeleid. Door de krapte op de arbeidsmarkt besteden werkgevers momenteel veel tijd aan de werving en selectie van nieuw personeel. Daarnaast proberen ze de werkdruk voor hun werknemers beheersbaar te houden, bijvoorbeeld door een betere balans tussen werk en privé te bieden in de vorm van thuiswerken. 81% van de werkgevers vindt het zijn verantwoordelijkheid deze balans te faciliteren.

De overheid kan helpen

Werkgevers geven aan dat de overheid kan helpen bij hun personeelsbeleid. Het versoepelen van het ontslagrecht per 1 januari 2020 is al een eerste stap. Daarnaast vindt 77% van de werkgevers ook dat de overheid meer van de kosten van ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid voor haar rekening moet nemen. Verder worden meer overheidsinvesteringen in scholing en training (60%), meer ruimte voor een eigen arbeidsvoorwaardenbeleid (54%) en lagere belastingen op arbeid of sociale premies (51%) genoemd.