VERDIEPINGSARTIKEL

Huisvesting in de WKR

6 februari 2026 3 minuten Door redactie

Soms is het nodig of wenselijk dat een werknemer op of in de buurt van het werk woonruimte heeft. Dit kan tijdelijk of permanent zijn. Bijvoorbeeld een matroos aan boord van een schip, of een zorgmedewerker met nachtdienst. Onder voorwaarden kan dan een nihilwaardering gelden, in de andere gevallen tel je een normbedrag bij het loon. Dit bedrag is afhankelijk van het soort huisvesting. Wat moet je hierover weten?



Er zijn vier soorten situaties waarin er sprake kan zijn van aan de werknemer ter beschikking gestelde woonruimte:

  1. huisvesting en inwoning op de werkplek in het kader van de dienstbetrekking;
  2. huisvesting en inwoning op de werkplek, niet in het kader van de dienstbetrekking;
  3. een ter beschikking gestelde dienstwoning;
  4. een niet in het kader van de dienstbetrekking ter beschikking gestelde woning of een vergoeding van de kosten daarvoor.

Wanneer geldt de nihilwaardering?

Als huisvesting en inwoning plaatsvindt in het kader van het behoorlijk vervullen van de dienstbetrekking, de werknemer niet op de werkplek woont maar ergens anders en hij redelijkerwijs wel gebruik moet maken van deze huisv