Sinds 1 juli 2023 is de Wet toekomst pensioenen (WTP) van kracht. Alle pensioenregelingen in Nederland moeten uiterlijk 1 januari 2028 voldoen aan de nieuwe wet- en regelgeving. Voor werkgeversorganisaties en vakbonden is er werk aan de winkel, maar ook voor veel werkgevers en ondernemingsraden (OR’en) is het devies ‘handen uit de mouwen’.
Dit artikel is geschreven door Inge Bakker, senior consultant medezeggenschap bij Montae & Partners, e-mail: inge.bakker@montaepartners.nl
In veel gevallen zijn het de sociale partners (werkgeversorganisaties en vakbonden) die, in samenwerking met het pensioenfonds, tot nieuwe pensioenafspraken komen. Deze afspraken worden vastgelegd in het pensioenreglement van het fonds en vaak ook in de cao. De individuele werkgever en werknemer hebben in zulke trajecten geen rol.
Voor werkgevers die niet verplicht bij een bedrijfstakpensioenfonds zijn aangesloten (artikel), ligt dit vaak complexer. Zij zijn bijvoorbeeld vrijwillig bij een pensioenfonds aangesloten, nemen deel in een ondernemingspensioenfonds of hebben de pensioenregeling ondergebracht bij een verzekeraar of premiepensioeninstelling. Deze werkgevers zullen – meestal met behulp van een p