Onderhandelen over vergoeding onder de WWZ

Door de invoering van de Wet werk en zekerheid krijgen werknemers die uit dienst treden per 1 juli 2015 een transitievergoeding mee. Sluit u met wederzijds goedvinden een beëindigingsovereenkomst, dan bent u niet verplicht om de transitievergoeding te betalen. Wel zal de hoogte van de transitievergoeding straks waarschijnlijk invloed hebben op de hoogte van de vergoeding die u met de werknemer onderling afspreekt.

2 oktober 2014 | Door redactie

Ook voor het ontslag met wederzijds goedvinden verandert er het één en ander onder de Wet werk en zekerheid. Zo heeft u in het bericht ‘Twee weken bedenktermijn bij ontslag’ kunnen lezen dat werknemers straks na het tekenen van de beëindigingsovereenkomst nog twee weken de tijd hebben om hierop terug te komen. De werknemer kan deze termijn gebruiken om verder te onderhandelen over de voorwaarden die in de beëindigingsovereenkomst zijn afgesproken, denk bijvoorbeeld aan de hoogte van de transitievergoeding. Komen de werkgever en de werknemer er tijdens de bedenktermijn niet uit, dan loopt de arbeidsovereenkomst gewoon door.

Pro-forma ontbinding moet tijdens de bedenktermijn plaatsvinden

De kans is groot dat de werknemer zijn stem al heeft laten gelden in de onderhandelingen voorafgaand aan het sluiten van de beëindigingsovereenkomst. Maar misschien is hij nog wel iets vergeten of vindt hij de vergoeding die hij meekrijgt bij nader inzien toch te laag. De werknemer kan de bedenktermijn dan gebruiken om het onderste uit de kan te halen.
Een mogelijke oplossing zou een pro-forma ontbinding kunnen zijn, maar hier zit wel een belemmerende voorwaarde aan verbonden. In dat geval geldt de bedenktermijn namelijk ook, tenzij de (pro-forma)ontbinding tijdens de bedenktermijn wordt uitgesproken. In de praktijk zal dit niet snel voorkomen, omdat een gerechtelijke procedure meestal meer tijd in beslag neemt.