Kamerlid wil instellingsgrens OR verhogen

Tweede Kamerlid Ziengs (VVD) vindt dat de instelling van een OR leidt tot administratieve lasten en een zware regeldruk. Hij is van mening dat de grens van 50 werknemers te laag is om werkgevers te verplichten om een OR in te stellen. De werknemers moeten zelf bepalen of ze behoefte hebben aan een OR.

7 maart 2012 | Door redactie

Het Tweede Kamerlid denkt bij zijn redenering aan de ondernemers. Het zijn lastige economische tijden en dan moeten ondernemers niet ook nog worden geconfronteerd met de regels en lasten die een OR met zich meebrengt. Om deze reden wil Ziengs de regels voor het oprichten van een OR aanpassen. Zo wil hij de instellingsgrens voor een verplichte OR verhogen van 50 naar 100 werknemers. Hij gaat de ministers Verhagen van Economische Zaken en Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vragen naar de mogelijkheden op dit gebied.

Werkgever is verplicht een OR in te stellen

Volgens artikel 2 lid 1 Wet op de ondernemingsraden (WOR) is de werkgever bij 50 werknemers of meer verplicht om een OR in te stellen. De OR draagt eraan bij dat de onderneming in al haar doelstellingen goed blijft functioneren. Volgens dit artikel is de werkgever verantwoordelijk voor de instelling van de OR. Als er vanuit de organisatie geen OR-kandidaten naar voren treden, heeft de werkgever wel aan zijn verplichting voldaan. Hiermee is hij er echter niet voor altijd van af. Onderneemt hij geen actie meer, dan kunnen werknemers via artikel 36 lid 1 WOR naar de kantonrechter stappen en eisen dat de ondernemer alsnog zijn verplichting tot het instellen van een OR nakomt.