VERDIEPINGSARTIKEL

Artikel 12 en 13 WOR: Wat zegt de wet over het lidmaatschap van een ondernemingsraad?

Het is algemeen bekend dat werknemers zich eerst kandidaat moeten stellen en door de werknemers moet worden gekozen om toe te kunnen treden tot de OR. Zijn er te weinig of net genoeg OR-kandidaten, dan is kandidaatstelling al voldoende. Maar hoe zit het met het beëindigen van dat lidmaatschap en wat zijn de mogelijkheden als één van de OR-leden er een potje van maakt en de overige leden tot last is? Daarover gaan de artikelen 12 en 13 van de Wet op de ondernemingsraden (WOR).


9 februari 2019 5 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Het principe van de WOR is dat de OR-leden worden gekozen voor de duur van de zittingsperiode van de OR. Die periode ligt vast in het OR-reglement en kan 2, 3 of 4 jaar zijn. In het laatste geval kan ervoor worden gekozen de helft van de OR elke 2 jaar te laten aftreden, zodat alle leden in principe 4 jaar ‘zitten’. Ook dit moet reglementair worden vastgelegd.

Wanneer treedt een OR-lid af?

Omdat een OR-lid op elk moment kan aftreden en dat zelfs moet als hij niet langer in de organisatie werkt, kunnen er tijdens de zittingsperiode vacatures ontstaan. Die moet u opvullen met plaatsvervangers die daarvoor zijn aangewezen bij de OR-verkiezingen. Als u die niet heeft of ze weigeren nu het OR-lidmaatschap, moet u tussentijdse verkiezingen organiseren.

In beide gevallen neemt het tussentijds aangetreden OR-lid de plaats in van zijn voorganger. Hij moet dus straks op hetzelfde moment aftreden als de overige OR-leden. Als leden tussentijds willen opstappen, bijvoorbeeld door verandering van functie of privéomstandigheden, dan kan dat altijd.

Voldoet niet aan de verwachting

Vaak merken nieuwe leden in het eerste zittingsjaar dat het OR-werk hun toch niet oplevert wat ze ervan hadden verwacht. Het sturen van een schriftelijke opzegging aan de OR-voorzitter, met een afschrift aan de bestuurder is genoeg. Uw beweegredenen hoeft u daarin niet te noemen, wel de datum per wanneer de opzegging ingaat.

Hoe vaak mag een OR-lid herkozen worden?

Volgens de WOR zijn de OR-leden bij het aflopen van de zittingsperiode van de OR onmiddellijk en onbeperkt herkiesbaar. Dat kan betekenen dat één of meer werknemers decennialang in de OR zitten. Dat kan een zegen of een vloek zijn. Zo’n doorgewinterd OR-lid kan elke vernieuwing blokkeren, maar kan ook door zijn schat aan kennis en ervaring een belangrijke steun­pilaar zijn voor de kwaliteit van het OR-werk.

Toch zijn er ondernemingsraden die kiezen voor een beperking van de herkiesbaarheid tot bijvoorbeeld 2 volledige zittingsperioden. Dit is uitdrukkelijk toegestaan volgens artikel 12, lid 2 WOR op voorwaarde dat zo’n bepaling is opgenomen in het OR-reglement.

Als het OR-lid op een andere afdeling gaat werken, heeft dat geen invloed op zijn lidmaatschap. Ook niet als de OR gekozen is via kiesgroepen en het lid door zijn nieuwe functie bij een andere kiesgroep gaat behoren.

Mag een OR-lid uitgesloten worden?

Voor die gevallen waarin een OR-lid het functioneren van de OR of het overleg met de bestuurder ernstig belemmert, is er artikel 13 WOR, dat zowel de OR als zijn bestuurder de mogelijkheid geeft om zo’n OR-lid van één of meer werkzaamheden uit te sluiten. Althans, de kantonrechter daarom te verzoeken. De OR kan dus niet zelf een lid schorsen of ontslaan. Ook niet op aandringen van de bestuurder. De bestuurder kan zo’n verzoek indienen als hij vindt dat het lid zijn overleg met de OR ernstig belemmert. De OR kan er ook om vragen als hij zich op andere vlakken in zijn functioneren gehinderd voelt.

Ook als de rechter tot uitsluiting besluit, beëindigt dat niet het lidmaatschap van dat OR-lid

Ook als de rechter tot uitsluiting besluit, beëindigt dat niet het lidmaatschap van dat OR-lid. 
Bestuurders grijpen verhoudingsgewijs gemakkelijk naar dit middel, maar voor ondernemingsraden is het een heel moeilijke keus. Doorgaans probeert de voorzitter het lid dat de problemen veroorzaakt eerst in gesprekken dichter bij de rest van de OR te brengen. Dat lukt gelukkig ook vaak. Pas als het niet anders meer kan, komt het verzoek aan de kantonrechter aan de orde.

Uitsluiting

De kantonrechter is uiterst terughoudend in het opleggen van deze sanctie. Een OR-lid moet het dan wel heel erg bont maken. Dat ligt ook voor de hand omdat het bij OR-leden wel gaat om democratisch gekozen vertegenwoordigers van de werknemers. Zij hebben voor de duur van de zittingsperiode een mandaat om namens hun collega’s de medezeggenschap inhoud te geven.

 

Het kan zijn dat één OR-lid een afwijkende mening heeft ten opzichte van de overige leden en dat steeds weer uitdraagt. Dat kan heel frustrerend zijn voor de overige leden en ook werkelijk het functioneren belemmeren. Toch zult u daarmee moeten leren leven, want het is nu eenmaal zijn goed recht om zijn eigen standpunt te blijven verkondigen.

 

Anders wordt het als een lid het overleg met de bestuurder belemmert door hem uit te schelden of het vertrouwen in de OR aantast door opgelegde geheimhouding niet te respecteren. De kans is dan groter dat de rechter desgevraagd besluit tot uitsluiting van OR-werkzaamheden. Zo’n schorsing kan zowel tijdelijk als blijvend zijn.

Hoe verloopt de procedure bij uitsluiting?

Artikel 13 WOR legt ook een procedure op voor het geval de OR of de bestuurder overweegt een verzoek bij de kantonrechter in te dienen. Het OR-lid waar het om gaat, moet eerst gehoord worden door degene die het verzoek in wil indienen. Als het verzoek daarna toch wordt ingediend, moeten de bestuurder en OR elkaar daarvan in kennis stellen. Daarnaast kunt u in het reglement extra afspraken opnemen zoals het aantal leden dat nodig is om het verzoek in te dienen, bijvoorbeeld tweederde van de stemmen.

Kan een OR-lid het OR-werk tijdelijk neerleggen?

De WOR kent geen regeling voor het tijdelijk neerleggen van het OR-werk. Natuurlijk kunnen leden met een langdurige ziekte of tijdens langdurig verlof (zwangerschap, ouderschapsverlof) gedurende die periode ook hun OR-werkzaamheden niet verrichten. Zij mogen echter niet worden vervangen, tenzij de OR beschikt over plaatsvervangende leden.

Dat kan ertoe leiden dat OR-leden die lange tijd afwezig zijn hun lidmaatschap opzeggen om zo plaats te maken voor een nieuw lid. Bij terugkomst moeten ze dan wachten op de eerstvolgende OR-verkiezing om eventueel weer OR-lid te worden.

Er zijn echter ook andere opties. 
De eenvoudigste manier is om al bij de verkiezingen één of meer plaatsvervangende leden (art. 6, lid 1 WOR) te kiezen die op elk moment in functie kunnen treden. Die functie moet dan wel al vóór de verkiezingen in uw reglement zijn geregeld.

Duur zittingsperiode naar wens aanpassen

De standaardduur die de WOR noemt is 3 jaar en dat is in de praktijk ook de meest voorkomende reglementaire zittingsperiode. Als het verloop binnen die 3 jaar hoog is, kunt u overwegen voor 2 jaar te kiezen en uw reglement daarop aan te passen. De OR-leden zullen dan minder snel geneigd zijn om voortijdig op te stappen.

Voor- en nadelen

Het nadeel is dat u dan elke 2 jaar algemene verkiezingen moet organiseren. Datzelfde nadeel heeft een 4-jarige zittingsperiode in combinatie met het aftreden van de helft van de OR na 2 jaar.

 

Het voordeel is dan echter dat degene die hun 4 jaar wel volmaken, automatisch bijdragen aan de continuïteit van de medezeggenschap. Voor veel raden komt de naderende verkiezingsdatum als een verrassing en vaak ook ongelegen, bijvoorbeeld omdat de OR net betrokken is bij een belangrijke ontwikkeling zoals een reorganisatie. De verleiding is dan groot om de verkiezingen uit te stellen. Als de OR daarmee de reglementaire zittingsperiode overschrijdt, brengt de OR zijn mandaat in gevaar.

 

Uit rechtspraak blijkt dat overschrijding alleen acceptabel is als er een dringende reden is, de verlenging slechts enkele maanden duurt en als de ondernemer, de vakbonden én de werknemers geen bezwaar hebben.

Is het mogelijk een OR-lid tijdelijk te vervangen?

Staat uw OR voor de uitdaging om een OR-lid tijdelijk te vervangen, dan heeft u daarvoor verschillende opties. Misschien beschikt u nog over een kandidaat van de vorige verkiezingen die tijdelijk wil invallen of kent u een geschikte collega. Zorg er dan voor dat zowel de OR als het OR-lid dat u vervangt én de beoogde vervanger, instemt met het tijdelijk toelaten van een vervanger. 


Onderzoek ook of u uw bestuurder hierin mee kunt krijgen. Het is namelijk belangrijk dat de vervanger gedurende de periode dat hij vervangt over dezelfde faciliteiten en rechtsbescherming beschikt als de overige OR-leden. Hij moet immers wel volwaardig kunnen meedraaien.

Stel vervolgens de achterban in de gelegenheid om bezwaar te maken. U wijkt immers af van de bepalingen die golden ten tijde van de kandidaatstelling voor deze zittingsperiode. Gaat dat goed, stel dan een schriftelijke ondernemersovereenkomst op tussen uw bestuurder en uw OR waarin u de vervanging, de duur en de status van de vervanger bevestigt.