Ook de rechter vindt een iPad een computer

Als uw onderneming – bijvoorbeeld in plaats van een kerstpakket – een iPad aan alle werknemers uitdeelt, is de kans groot dat u hierover loonbelasting/premie volksverzekeringen moet inhouden. De rechter heeft onlangs bevestigd dat dit alleen achterwege kan blijven als de iPad voor 90% zakelijk wordt gebruikt.

21 december 2012 | Door redactie

Vorig jaar kon u in het bericht ‘Helderheid over vergoeding smartphone en iPad’ al lezen over een nieuw loonheffingenbesluit van 5 juli 2011 waarin de staatssecretaris van Financiën de fiscale regels voor computers en telefoons glashelder maakt.

Communicatiemiddel onbelast bij beperkt zakelijk gebruik

Een werkgever die vóór de inwerkingtreding van dit besluit een iPad aan zijn werknemers had uitgedeeld, probeerde bij de rechter toch nog een andere uitkomst te bereiken. Hij gaf de werknemers van de onderneming in december 2010 een iPad en maakte daarbij geen afspraken over het gebruik. De onderneming droeg via eindheffing € 323.687 aan loonbelasting/premie volksverzekeringen af, maar maakte wel direct bezwaar tegen deze aangifte. Volgens de onderneming was de iPad namelijk een communicatiemiddel, dat dus bij beperkt zakelijk gebruik al belastingvrij te verstrekken zou zijn.

Communicatiefunctie staat bij iPad niet centraal

De inspecteur van de Belastingdienst vond echter dat sprake was van een computer. Om onder de loonheffing uit te komen, moest de onderneming dan ook aannemelijk maken dat het zakelijk gebruik minstens 90% bedroeg. Ook de rechter vond dat de communicatiefunctie geen centrale rol speelde bij de iPad. Het apparaat was wel geschikt voor bepaalde vormen van communicatie, maar had daarnaast ook vele andere computerfuncties zoals tekst- en dataverwerking, het spelen van spelletjes, het maken en bewerken van foto’s en het gebruiken van muziekfuncties. Hierdoor moest de onderneming de iPad aanmerken als computer. Daarnaast gebruikten de werknemers de iPad niet voor 90% zakelijk. Het was dus terecht dat er eindheffing was toegepast over de verstrekking van de iPads.
Rechtbank Haarlem, 30 november 2012, LJN: BY4908