Zwanger? Jammer dan! Geen talenttraject

Informeert u werknemers over een talentprogramma, zorg dan dat u ook werkneemsters inlicht die met zwangerschapsverlof zijn of ziek zijn als gevolg van de zwangerschap. Onlangs werd een werkgever op de vingers getikt door het College voor de Rechten van de Mens, omdat hij op drie punten verboden onderscheid had gemaakt naar geslacht.

1 juni 2015 | Door redactie

Het College voor de Rechten van de Mens oordeelde recent dat een werkgever verboden onderscheid op grond van geslacht had gemaakt door het contract van een zwangere werkneemster niet te verlengen, haar niet in staat te stellen te solliciteren op interne vacatures en haar niet aanmerking te laten komen voor een intern talenttraject.

Niet benaderd voor interne vacatures en talenttraject

De medewerkster had een tijdelijk contract, maar viel uit als gevolg van zwangerschapsklachten. Op een gegeven moment stuurde haar werkgever een mail waarin stond dat alle tijdelijke medewerkers contractverlenging zouden krijgen. Later sprak de leidinggevende echter de voicemail van de werkneemster in kwestie in om te melden dat de contractverlenging niet voor haar gold. Toen er interne vacatures vrijkwamen, werd de vrouw niet benaderd en informatie over een talenttraject werd haar in eerste instantie ook niet toegestuurd.

Geen objectieve redenen voor niet-verlengen van contract

Volgens de werkgever was het contract van de medewerkster niet verlengd omdat zij haar streefcijfers niet haalde. Uit rapportages bleek echter dat de onderproductie betrekking had op de fase waarin de vrouw was uitgevallen als gevolg van haar zwangerschapsklachten. Daarvóór had zij steeds prima gefunctioneerd. De werkgever kon geen objectieve redenen aanvoeren voor het niet-verlengen van het contract. Dat de werkgever de werkneemster niet had benaderd voor interne vacatures en ook niet de kans had geboden om deel te nemen aan het talenttraject omdat zij niet per direct beschikbaar was als gevolg van haar arbeidsongeschiktheid en zwangerschapsverlof, waren twee andere punten waarop de werkgever de werkneemster had gediscrimineerd, zo oordeelde het College voor de Rechten van de Mens.
College voor de Rechten van de Mens, 5 maart 2015, oordeel: 2015-19