VERDIEPINGSARTIKEL

Wat gebeurt er met de stukken van een vertrekkende aandeelhouder?

Met aandeelhoudersregelingen is het net als met pindakaas. U kunt kiezen uit tientallen varianten, maar het is volstrekt onduidelijk welke de beste is en waarom. Hoe voorkomt u dat u ten onder gaat aan keuzestress?

U zult zich een beetje in de materie moeten verdiepen. Maar u moet ook voor ogen houden dat het niet zo is dat de ene regeling perfect is voor uw bv en dat alle andere waardeloos zijn. Vaak zijn meerdere opties goed. Onthoud bovendien dat de simpelste variant vaak de beste is.


25 juni 2021 6 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online en is geschreven door Bert van Mieghem, advocaat bij Wybenga Advocaten, e-mail: vanmieghem@wybenga-advocaten.nl


Als u als dga alle aandelen houdt in uw bv, heeft u het makkelijk. Totdat een getalenteerde werknemer óók graag aandelen wil hebben. U kunt hem nog zo veel bonusregelingen in het vooruitzicht stellen, het hebben van ‘echte aandelen’ ervaart hij toch als de ultieme beloning.

Het effect is dat de nieuwe aandeelhouder zich sterk verbonden voelt met uw bv en nog meer gaat bijdragen aan de winst. De keerzijde is dat u regelingen moet uitwerken, bijvoorbeeld een exit-scenario.

Als uw topmedewerker op een kwade dag overstapt naar de concurrent, wilt u uw aandelen terug. En misschien ook wel als hij met pensioen gaat. Anderzijds wilt u uw eigen aandelen misschien wel aan hem verkopen als u zelf met pensioen gaat.

Aangescherpte aanbiedingsplicht

De simpelste variant van het exit-scenario is dat u niets afspreekt. Dan geldt de wettelijke blokkeringsregeling. Dit betekent dat een aandeelhouder zijn aandelen niet hoeft in te leveren als hij bij de concurrent gaat werken of iets anders doet dat u niet bevalt. Wil hij zijn aandelen verkopen, dan moet hij ze eerst aan u aanbieden. Koopt u ze niet, dan mag hij ze aan een willekeurig ander iemand verkopen.

Sinds de flexibilisering van de bv in 2012 mag u ook afspreken dat u helemaal afziet van de blokkeringsregeling en dat iedere aandeelhouder zijn aandelen zomaar aan een buitenstaander mag verkopen. Dat moet u niet doen. Het is juist een goed idee om de aanbiedingsplicht nog wat verder aan te scherpen.

Doet u dat niet, dan loopt u het risico dat u opgescheept zit met een vervelend geworden minderheidsaandeelhouder. Als diegene ‘maar’ 30% van de aandelen bezit en u 70%, zult u iedere stemming winnen. Dat lijkt dus gemakkelijk. Maar tegelijkertijd is het zo dat van al uw inspanningen en successen bijna één derde in de zakken van iemand anders verdwijnt, die daar niets meer voor doet.

Spreek af in welke gevallen iemand zijn aandelen moet inleveren

Spreek waardering af

Als deze aandeelhouder zich zodanig misdraagt dat hij de bv schaadt, kunt u een uitstootprocedure starten om zijn aandelen over te nemen. Maar van zulke schade is niet snel sprake. Het hele jaar door achteroverleunen en tijdens de algemene vergadering vervelende vragen stellen is daarvoor niet genoeg.

Spreek daarom af in welke gevallen iemand zijn aandelen moet inleveren. Voor een aandeelhouder die in de bv werkt, als bestuurder of werknemer, ligt het voor de hand om af te spreken dat hij de aandelen te koop moet aanbieden als hij de firma verlaat.

Hoe goed de verhoudingen ook ooit waren, in zo’n situatie dreigt altijd discussie over de waardering. Die discussie is te beperken door vooraf af te spreken welke waarderingsmethode gebruikt wordt, wat de uitgangspunten zijn en wie de waardering uitvoert. De uitkomst daarvan is bindend voor partijen, als u dat afspreekt.

Ook nog mogelijk: constructies opzetten met verschillende ‘soorten’ aandelen

Als u één keer 5% van uw aandelen verkoopt, is het niet zo zinnig om constructies toe te passen met bijvoorbeeld stemrechtloze aandelen. Of iemand nu 5% van het stemrecht heeft of 0% is vooral een theoretisch verschil. Dat is anders als u op grotere schaal aandelen gaat verhandelen. Als u dat alleen doet om anderen te laten meeprofiteren van de winst, zouden zij een stemrechtloos aandeel kunnen krijgen.

U kunt bovendien aandelen uitgeven die gekoppeld zijn aan de resultaten van specifieke bedrijfsonderdelen. De manager van de fabriek in de ene plaats krijgt dan bijvoorbeeld aandelen A, waarvan het dividend afhankelijk is van de resultaten van ‘zijn’ fabriek.

Certificaten uitgeven door STAK
Als er vaak aandeelhouders vertrekken en weer bij komen, wilt u niet iedere maand bij de notaris zitten voor de overdracht. Het is dan praktischer om de aandelen te certificeren. De economische waarde van het certificaat is gelijk aan de waarde van het aandeel en de houder krijgt hetzelfde dividend. Hij krijgt alleen het stemrecht er niet bij. Dat recht wordt uitgeoefend door de Stichting Administratiekantoor (STAK), waarvan u de bestuurder bent. Het voordeel is bovendien dat de certificaten onderling verkocht kunnen worden zonder dat daarvoor een notaris nodig is.

Bonus en malus in waardering verwerken

Het maakt nogal uit waarom iemand zijn aandelen moet verkopen. De aandeelhouder die op staande voet de laan uitvliegt of zelf een concurrerende bv start, heeft gevoelsmatig minder recht op een vette prijs voor zijn stukken dan de trouwe werknemer die na decennia ploeteren met pensioen gaat.

Dit gevoel kunt u omzetten in financiële afspraken. U kunt afspreken dat een ‘bad leaver’ zijn aandelen moet inleveren met een korting van 5% en een ‘good leaver’ er bijvoorbeeld 5% bovenop krijgt. Vertrekt iemand onder neutrale omstandigheden, dan geldt er geen bonus of malus.

U kunt ook nog regelingen maken voor een ‘super bad leaver’ of een ‘super good leaver’. Die laatste is dan bijvoorbeeld iemand die ten minste tien jaar lang aan uw bv verbonden is gebleven, en meetbaar heeft bijgedragen aan het succes door het behalen van een bepaalde omzet. Hij ontvangt een riante beloning voor zijn aandelen. De super bad leaver ontvangt bijvoorbeeld slechts de nominale waarde van de aandelen.

Voor sommige gevallen is zowel een bonus als een malus verdedigbaar. Stel dat een aandeelhouder arbeidsongeschikt raakt. Dat is buitengewoon naar voor de betrokkene, maar het is ook voor uw bv een financiële strop.

Zowel voor het opplussen van de aandelenprijs als voor een korting zijn dan argumenten te verzinnen. Voor beide partijen is de uitkomst in elk geval beter te verdragen als zij vooraf weten waar ze aan toe zijn.

Spreek bovendien af welke bindend adviseur de knoop doorhakt als u het er niet over eens wordt of iemand een ‘bad leaver’ is. Dat scheelt eindeloze procedures bij de rechtbank.

Het is verstandig ten minste een deel van de aandelenregeling vast te leggen in de statuten

Aandeelhoudersovereenkomst of statuten

U kunt dit soort afspraken vastleggen in een aandeelhoudersovereenkomst of in de statuten van de bv. Het voordeel van een aandeelhoudersovereenkomst is dat u de afspraken zelf kunt opstellen. U hoeft niet naar de notaris en de afspraken worden niet openbaar.

Statuten zijn wel openbaar, maar voordeel is dat die afspraken juridisch steviger zijn. Want statuten hebben ook werking tegenover derden.

Stel: uw werknemer, tevens schoonzoon, misdraagt zich in alle opzichten, verlaat uw dochter en steelt van uw bv. U ontslaat hem op staande voet en doet een beroep op de ‘super bad leaver’-clausule om tegen nominale waarde zijn aandelen terug te krijgen.

Dan blijkt dat de jongen overal schulden heeft en wordt er beslag op zijn aandelen gelegd. De deurwaarder die de aandelen verkoopt, hoeft zich niets aan te trekken van uw afspraken in een aandeelhoudersovereenkomst. Hij kan de aandelen ook tegen een veel hoger bedrag verkopen aan uw concurrent. Of aan een zakelijke vriend van de bad leaver.

Leg regeling vast in statuten

Om dit soort scenario’s te voorkomen is het verstandig ten minste een deel van de regeling vast te leggen in de statuten. De details kunt u altijd nog onderling uitwerken in een overeenkomst. Neem bijvoorbeeld in de statuten het simpele zinnetje op dat aandelen alleen maar gehouden kunnen worden door iemand die partij is bij uw aandeelhoudersovereenkomst.