VERDIEPINGSARTIKEL

Wat staat er op de balans van uw onderneming?

Boekhouden is al zo oud als de weg naar Rome... Bijna net zo oud, maar het ontstond wel in Italië. Het Italië van de 15e eeuw bestond uit allemaal kleine stadstaatjes waarin een grote handelsgeest heerste. Investeerders waren welkom en Giovanni di Bicci de’ Medici begon de ‘Banco dei Medici’ die uitgroeide tot de grootste en belangrijkste bank in het Europa van de 15e eeuw.

Daarbij werd het dubbele boekhouden gebruikt om op elk moment ‘de balans op te kunnen maken’ en investeerders de financiële situatie voor te leggen. Wat staat er eigenlijk op de balans?


9 februari 2021 5 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


De balans kent een aantal vormen en modellen die als bijlagen bij het Besluit modellen jaarrekening in het Burgerlijk Wetboek zijn opgenomen (model A-D, K, N, Q en R zijn balansmodellen). Sommige zaken liggen vast, zoals: ‘De balans van een naamloze of besloten vennootschap moet zijn ingericht overeenkomstig model A of model B’.

De vier meest gebruikte modellen voor de balans hebben de aanduidingen A tot en met D. De onderlinge verschillen betreffen met name de uitgebreidheid van de balans oftewel het aantal opgenomen posten.

Altijd in evenwicht

De balans geeft altijd een momentopname van alle bezittingen, vreemd vermogen (schulden) en het eigen vermogen van een onderneming. Ook is de balans altijd in evenwicht: het totaalbedrag van de bezittingen is gelijk aan het totaalbedrag van de schulden en het eigen vermogen. De balans bestaat vervolgens uit een activa- en passivagedeelte (debet- en creditzijde). Beide kanten moeten dus met elkaar in evenwicht zijn. Dat geldt voor alle modellen.

In principe is model A het meest uitgebreid, model B het meest overzichtelijk, model C het meest compact en informatief en model D het minst uitgebreid. Hoewel het model in principe vrij gekozen mag worden, is model B een gangbare methode die normaliter in scontrovorm wordt uitgewerkt, dat wil zeggen horizontaal, met aan de linkerkant de bezittingen (debetzijde) en aan de rechterkant de schulden en het eigen vermogen (creditzijde). Model B voor de balans wordt in de praktijk vanwege de overzichtelijkheid het meest gebruikt.

Een mooie kapstok om alle belangrijke posten niet over het hoofd te zien

Posten niet over het hoofd zien

Voor een eenmanszaak zijn de modellen overigens niet van toepassing: dan mag de balans naar eigen wens worden ingevuld. De modellen vormen wel een mooie kapstok om alle belangrijke posten in elk geval niet over het hoofd te zien.

Hulpmiddelen die naast de balans inzicht verschaffen

Een balans geeft u inzicht in de financiën van uw onderneming op een bepaald moment. U weet direct hoeveel financiële ruimte u nog heeft. Hulpmiddelen die u nog meer inzicht kunnen verschaffen, zijn ratio’s. Ratio’s geven bijvoorbeeld weer hoe liquide de onderneming is en hoeveel u overhoudt. Op rendement.nl/fatools vindt u de tool: ‘Een balans met ratio’s maken voor inzicht in de financiën’.

Liquiditeit
In de tool vindt u aan de rechterkant van het rekenblad de ratio’s getoond. Elk getal heeft een andere betekenis. Zo hebben de current-, quick en kasratio invloed op de liquiditeit van de onderneming. De uitkomst drukt uit of de onderneming aan haar kortlopende schulden kan voldoen.

De verhouding tussen het kort vreemd vermogen en vlottende activa wordt de current ratio genoemd. Hoe hoger de vlottende activa zijn in verhouding tot het kort vreemd vermogen, hoe beter. Een waarde boven 1 geeft een gezonde ratio weer.

Heeft u een onderneming zonder snel doorlopende voorraden, dan geeft een quick ratio in dat geval een beter beeld van de liquiditeit. Deze ratio neemt de voorraden niet mee in de berekening van de liquiditeit. Een waarde boven 1 is de minimale waarde om een gezonde liquiditeit te hebben.

Ook kunt u de liquiditeit door middel van de kasratio berekenen. Door de kas af te zetten tegen het kort vreemd vermogen, kunt u berekenen hoe de schulden kunnen worden voldaan. Hoe meer kasgeld u heeft, hoe beter u de schulden kunt voldoen, hoe meer liquide u bent.

Netto-werkkapitaal
Naast het berekenen van de ratio’s, kunt u met deze tool ook uitrekenen wat het netto-werkkapitaal van uw onderneming is. Dit getal benadert het bedrag dat over blijft na de betaling van de schulden uit de vlottende activa.

Bij wet vastgestelde posten

Een aantal van die posten hebben bij wet vastgestelde namen: ‘Van de benamingen Vaste activa, Vlottende activa, Kortlopende schulden, Langlopende schulden, Voorzieningen en Eigen vermogen mag niet worden afgeweken.’ De benaming van andere posten ligt niet vast, als maar duidelijk is waar de post over gaat.

Activa

De post activa is te verdelen in vaste en vlottende activa, die daaronder nog weer verder te splitsen zijn.

Vaste activa

Vaste activa zijn alle bezittingen die een levensduur hebben van langer dan een jaar. U verdeelt ze in immateriële vaste activa (niet-tastbare bezittingen zoals goodwill), materiële vaste activa, dat wil zeggen alle bezittingen die langer meegaan dan een jaar met een aanschafwaarde van meer dan € 450 exclusief BTW, en financiële activa.

Vlottende activa

Vlottende activa hebben altijd een looptijd van minder dan één jaar, zoals liquide middelen, kas, (kortetermijn)investeringen, voorraden, debiteuren, vooruitbetaalde kosten en overlopende activa (kosten of bedragen die vooraf worden betaald of ontvangen). Heeft u een aantal bedragen die u niet onder een van deze categorieën kwijt kunt, dan kunt u die onder de categorie ‘overige vlottende activa’ verzamelen.

Schulden

Ook schulden zijn weer onder te verdelen in twee posten die volgens het genoemde citaat uit de wet kortlopende en langlopende schulden moeten heten.

Kortlopende schulden

Alle schulden die maar een korte duur hebben, denk bijvoorbeeld aan leningen voor één à twee jaar, vallen onder kortlopende schulden. Vermeld onder deze post ook: crediteuren, te betalen kosten (horende bij crediteuren), verschuldigde inkomstenbelasting, BTW, ongerealiseerde opbrengsten, salarisvoorziening, winstdeling en alle overige posten die hierbij passen.

Langlopende schulden

Er zijn ook schulden die lange tijd op de balans blijven staan. Hierbij moet u bijvoorbeeld denken aan een hypotheek, leningen, kredietverstrekkingen en producten die u over een periode langer dan één jaar moet afbetalen. Vermeld deze posten onder de kop ‘langlopende schulden’.

Een voorbeeld van een voorziening is het groot onderhoud van uw bedrijfpand

Voorzieningen

De post ‘voorzieningen’gebruikt u om uitgaven in de toekomst te dekken. U zet als het ware geld opzij voor verplichtingen die te verwachten zijn. Bijvoorbeeld een garantievoorziening die aangeeft welk bedrag aan schadeclaims u in de toekomst verwacht voor producten die u al heeft verkocht.

Let op: voorzieningen zijn geen reserves, want die maken deel uit van het eigen vermogen. De voorzieningen vallen onder het vreemd vermogen, omdat het claims van derden zijn op uw onderneming. Een voorbeeld van een voorziening is het groot onderhoud van uw bedrijfpand: u weet dat dat over een jaar of vijf moet gebeuren, maar de schilder staat nog niet op de steigers.

Eigen vermogen

Het eigen vermogen bij een eenmanszaak bestaat uit één post: het kapitaal. Het eigen vermogen bij een besloten en naamloze vennootschap is te verdelen in: gestort en opgevraagd kapitaal, de (dis)agio bij uitgifte van aandelen, dat wil zeggen het verschil tussen de waarde van het aandeel zoals die vastgelegd is en het meerdere (of mindere) dat u ervoor uitgeeft, de herwaarderingsreserve én de reserves die uw onderneming volgens de wet of statuten verplicht is vast te zetten en de onverdeelde winst (het deel van de winst dat niet uitgekeerd wordt aan de aandeelhouders).

Verwar het eigen vermogen op de balans van een onderneming niet met de marktwaarde van de onderneming!



Meer informatie over de jaarrekening vindt u in de toolbox De jaarrekening: van opstellen tot deponeren in zeven stappen.