VERDIEPINGSARTIKEL

Afrekenen met de Belastingdienst

Noodgedwongen of niet, het kan voorkomen dat u eind dit jaar stopt met ondernemen. U moet dan een aantal zaken regelen, onder andere met de Kamer van Koophandel en de eventuele verhuurder van uw pand.

U dient natuurlijk ook uw kantoor fiscaal goed af te ronden. U wilt geen gedoe met de Belastingdienst als u eenmaal gestopt bent. Wat moet u allemaal regelen met de fiscus?


4 november 2020 6 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Als u stopt met ondernemen, moet u uw kantoor uitschrijven bij de Kamer van Koophandel. U kunt dit als financial hoogstwaarschijnlijk zelf. Heeft u daar geen zin in of geen tijd voor, dan kunt u uiteraard een beroep doen op een externe accountant of fiscalist.

Als u uw onderneming uitschrijft uit het Handelsregister, wordt u automatisch afgemeld bij de Belastingdienst. Let er goed op dat de Belastingdienst u ook een schriftelijke bevestiging van uw uitschrijving stuurt.

Afrekenen met de Belastingdienst

U moet bij beëindiging van uw onderneming fiscaal afrekenen met de Belastingdienst. U moet een eindafrekening krijgen. Dien de laatste aangifte inkomstenbelasting in bij de fiscus.

Het kan voorkomen dat u belasting over stakingswinst moet betalen. Dit is zeker van toepassing als er in uw onderneming sprake is van:

  • stille reserves (zoals de meerwaarde van onroerend goed boven de waarde op de balans);
  • fiscale reserves (vervangingsreserves);
  • uw oudedagsreserve.

Stakingswinst, het verschil tussen de fiscale boekwaarde van uw kantoor en de werkelijke waarde op het moment van bedrijfsbeëindiging of -overdracht, is onderdeel van uw inkomen in het jaar van staking. U bent verplicht om hier inkomstenbelasting over te betalen.

De stille reserves en de stand van de oudedagsreserve worden als stakingswinst beschouwd. De mkb-vrijstelling mag over de totale jaarwinst worden berekend, dus ook over de stakingswinst.

Stakingswinst en stakingsaftrek

Als u uw onderneming beëindigt, heeft u soms recht op stakingsaftrek. In dat geval betaalt u minder belasting over de stakingswinst. U kunt maximaal € 3.630 aftrekken van de winst die u heeft behaald. Als u binnen een jaar een nieuwe onderneming begint, is fiscaal afrekenen met de Belastingdienst niet nodig. Voorwaarde is wel dat de stakingswinst van uw oude onderneming in uw nieuwe onderneming wordt gestopt.

Het is overigens mogelijk om direct afrekenen met de fiscus te voorkomen. Het bedrag van de oudedagsreserve en de stakingswinst kunt u verminderen door een lijfrentepremie te storten bij een levensverzekeringsmaatschappij. Die premie is tot een bepaald bedrag fiscaal aftrekbaar. Over de toekomstige uitkering van de lijfrente betaalt u belasting. Als van plan bent om dit te gaan doen, is het aan te raden om hier contact over op te nemen met verzekeraars.

Fiscale bewaarplicht ook na einde van uw onderneming

Na beëindiging van uw kantoor heeft u nog steeds fiscale bewaarplicht. U bent verplicht om uw administratie nog minimaal zeven jaar te bewaren. U mag uw papieren administratie digitaal opslaan.

De basisgegevens die in uw administratie moeten zijn opgenomen, zijn:

  • informatie over de voorraad;
  • het grootboek;
  • de loonadministratie;
  • de gegevens over de inkoop en verkoop;
  • de debiteuren- en crediteurenadministratie.

Geen fiscale afrekening bij doorschuiffaciliteit

Het is mogelijk om onder voorwaarden gebruik te maken van de ‘doorschuiffaciliteit’. Dit betekent dat u niet of slechts gedeeltelijk fiscaal hoeft af te rekenen over de stakingswinst. Dit is mogelijk:

  • als u komt te overlijden;
  • bij een echtscheiding of als uw partner overlijdt;
  • als u de onderneming overzet naar een bv;
  • als u de onderneming overdraagt aan een medeondernemer of werknemer.

Bij een overname gaat degene die de onderneming overneemt verder met de bestaande boekwaarden. De overdracht moet plaatsvinden aan een medeondernemer die ten minste 36 maanden als ondernemer winst uit uw onderneming heeft gehad of als werknemer in uw onderneming werkzaam was.

Slotaangifte omzetbelasting

U moet ook een slotaangifte omzetbelasting doen bij de fiscus. Als u nog onverkochte goederen of bedrijfsmiddelen heeft, gaan deze na de opheffing van uw onderneming over naar uw privévermogen. U levert dan als ondernemer aan uzelf als privépersoon en u bent daarover omzetbelasting verschuldigd.

Hierbij kunt u uitgaan van de dagwaarde van de goederen op het moment dat u de bedrijfsmiddelen zelf gaat gebruiken. Het is ook van belang bij de beëindiging van uw onderneming dat u het ontslag van uw werknemers meldt bij de Belastingdienst.

Ontbinden en beëindigen

Rechtspersonen kunnen alleen worden beëindigd door deze eerst te ontbinden. Voor ontbinding en beëindiging hoeft u niet naar de notaris. Voor een ontbinding is meestal een formeel besluit nodig. Wie dit besluit neemt, hangt af van het type rechtspersoon. Bij een nv of bv is dat de algemene aandeelhoudersvergadering. Bij een vereniging, coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij neemt de ledenvergadering het besluit. En bij een stichting is dat het bestuur.

Direct ontbinden

Voor het ontbinden van een vereniging, coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij is soms geen besluit nodig. Als deze rechtspersonen geen leden meer hebben, moeten ze direct worden ontbonden. Soms staat in de statuten dat de rechtspersoon bij een bepaalde gebeurtenis moet worden opgeheven. Een voorbeeld is als een stichting een bepaald doel voor ogen had dat inmiddels is bereikt.

Turboliquidatie

Een ontbonden rechtspersoon houdt niet direct op te bestaan. Een uitzondering is als er op het moment van ontbinding geen vermogen is. Dan kan turboliquidatie worden toegepast: een snelle ontbinding zonder vereffening.

Door nieuwe wetgeving, moeten ondernemingen duidelijk kunnen maken dat een turboliquidatie noodzakelijk is. Ook wordt het bestuur van de onderneming verplicht om een slotbalans op te stellen en vast te leggen. Daar hoort ook een verklaring bij waarin wordt aangegeven waarom er geen vermogen staat op de balans. Ook moet inzicht worden gegeven in de jaarrekeningen.

Het bestuur moet ook zorgen voor een algemene bekendmaking van de turboliquidatie. Daarin moet worden opgenomen dat de slotbalans met de jaarrekening van de organisatie ter inzage ligt bij de Kamer van Koophandel.

Vereffenen vermogen

Als er wel vermogen aanwezig is, moeten eerst schulden en uitkeringen worden betaald. De rechtspersoon blijft voortbestaan tot dit gebeurd is. Als de rechtspersoon is opgehouden te bestaan en er blijken achteraf nog schuldeisers of baten te zijn, dan kan de vereffening worden heropend via een verzoek bij de rechtbank.

De bestuurders van de ontbonden vennootschap vereffenen het vermogen van de rechtspersoon. In de statuten kan staan dat ook andere personen vereffenaar zijn. Als er geen vereffenaar is, dan is het aan de rechtbank om er een te benoemen. Dit gebeurt op verzoek van een belanghebbende of op vordering van het Openbaar Ministerie.

Als alle schulden zijn afgelost en er blijft daarna nog vermogen over, dan keert de vereffenaar dit over het algemeen uit aan eventuele aandeelhouders of gerechtigden, tenzij anders vermeld in de statuten.

Beëindigen van personenvennootschappen

Voor het beëindigen van personenvennootschappen zoals een vof, maatschap of commanditaire vennootschap (cv) gelden andere regels. Als een vennoot, maat of beherend vennoot stopt of overlijdt, dan is de vof, maatschap en cv ontbonden.

Is het de bedoeling dat de personenvennootschap blijft bestaan, dan moet dit worden geregeld in een vennootschapscontract bij een vof of een maatschapscontract bij een (commanditaire) vennootschap.

In het contract moet een verblijvensbeding of overnamebeding zijn opgenomen. Dat betekent dat de vennoten of maten de inbreng van de vertrokken of overleden vennoot of maat overnemen.

De personenvennootschap kan doorgaan met een nieuwe vennoot of maat, of als eenmanszaak. In het contract staat ook wie waar recht op heeft en hoe de onderneming wordt verdeeld.

Ontbinden van VOF, maatschap of cv

Stopt de vof, maatschap of cv, dan moet de onderneming worden ontbonden. Hiervoor moeten alle vennoten en maten opzeggen. Daarna moeten zij de bezittingen verdelen en vereffenen. De vennoten of maten moeten de schulden betalen en eventueel hun aandeel terugkrijgen in geld of natura, bijvoorbeeld in de vorm van producten.

De manier waarop dit plaatsvindt, moet u regelen in het maatschaps- of vennootschapscontract. Daarin kan worden afgesproken dat de middelen die overblijven, verdeeld worden op basis van ieders winstaandeel.

Een andere afspraak die kan worden gemaakt is dat u bij overblijvende schulden de schulden vanuit uw privévermogen betaalt.