Met steeds meer internationale werknemers op de Nederlandse arbeidsmarkt is religie op de werkvloer een heel actueel thema. Werknemers met verschillende achtergronden en geloofsovertuigingen zorgen voor een diverse en eigen cultuur binnen uw organisatie. Dit kan ook uitdagingen met zich meebrengen, vooral als er binnen uw organisatie nog weinig kennis is van de uitgangspunten en (on)mogelijkheden. Voor uw bestuurder zijn er in dat kader verschillende aandachtspunten waarmee hij rekening zal moeten houden. Ook voor uw OR is daar een rol weggelegd.
Dit verdiepingsartikel is geschreven door Maxime van Dort, advocaat bij TaylorWessing, e-mail: m.vandort@taylorwessing.com
Religie op de werkvloer houdt onder meer in dat werknemers met hun kleding onder werktijd uiting (willen) geven aan hun geloof. Een werkgever mag binnen de organisatie weliswaar kledingvoorschriften hanteren, maar in zijn algemeenheid mag hij niet zomaar bepaalde kleding verbieden. Als uw bestuurder bepaalde kleding verbiedt, maakt hij namelijk onderscheid tussen verschillende (groepen van) werknemers, en dat is niet toegestaan.
Dit ligt anders als de kledingvoorschriften verband houden met de aard van de functie. Zo kan het verbieden van bepaalde kleding wel toegestaan zijn als de veiligheid anders in het geding komt of het uiterlijk bijvoorbeeld neutraliteit moet uitstralen (neutraliteitsbeleid). Denk aan