Het portretrecht is een rechtsgebied dat bij uw OR waarschijnlijk niet dagelijks op de agenda staat. Toch kunnen er uit het portretrecht geschillen voortkomen tussen een werkgever en werknemer. Daarom is het voor uw bestuurder, uw OR én voor werknemers goed om te weten wat het portretrecht inhoudt: in welk geval de werkgever een portret van werknemers mag verwerken, wanneer een werknemer dit kan inroepen en wat de werkgever in dat geval kan verwachten. En specifiek voor uw OR: hoe u bijdraagt aan beleid voor het gebruik van beeldmateriaal van uw achterban.
Dit verdiepingsartikel is geschreven door Iris van der Heijdt en Maxime van Dort, advocaten bij Taylor Wessing, e-mail: i.vanderheijdt@taylorwessing.com, m.vandort@taylorwessing.com, www.taylorwessing.com
Het portretrecht is opgenomen in artikel 19 tot en met 21 van de Auteurswet en hangt samen met de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Uw organisatie moet het portretrecht van werknemers respecteren. Een werkgever mag dus niet zomaar foto’s van werknemers gebruiken in een brochure, op de bedrijfswebsite, als aankleding van het kantoorgebouw of bijvoorbeeld delen via sociale media.
Een portret is overigens niet alleen een foto van het gezicht, maar kan ook een algemene afbeelding van een persoon zijn. Waar het om gaat, is of de persoon herkenbaar is; of iemand die de geportretteerde kent, hem in de afbeelding zou herkennen (zie Verstappen/Picnic (ECLI:NL:PHR:2021:953)).
De werkgever heeft ni