VERDIEPINGSARTIKEL

Goede scholing belangrijk voor goed functioneren OR

De ondernemingsraad praat mee over het beleid van de onderneming en de te nemen besluiten. Dat lijkt misschien eenvoudig werk, waarvoor een gezond verstand voldoende moet zijn.

Toch is dat niet zo. U moet werken op basis van de wet en als u iets wilt bereiken, moet u dat slim aanpakken. Ook is er geen enkel ander orgaan in uw organisatie met dezelfde taak. U bent dus gebaat bij kennis van buiten en begeleiding bij het werken als OR-team. Dat maakt scholing van de OR belangrijk.


9 juni 2020 6 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Tot 2013 gingen veruit de meeste ondernemingsraden jaarlijks twee, drie of meer dagen ‘op scholing’. Meestal gebeurde dit buitenshuis, in een hotel of conferentieoord, inclusief overnachting.

De kosten van scholing en accommodatie werden betaald uit een potje dat gevuld werd door verplichte bijdragen van orga­nisaties met een OR-instellingsplicht. In 2013 werd die verplichte bijdrage afgeschaft. Sindsdien is de hoeveelheid scholing die – met name kleine – ondernemingsraden krijgen drastisch gedaald. Vooral de vraag naar de meerdaagse scholing buitenshuis is sterk afgenomen.

Wettelijke scholingsrecht voor OR is niet veranderd

Dit is opmerkelijk, want aan het wettelijke scholingsrecht voor de OR is niets veranderd. Volgens artikel 22 van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) heeft elk OR-lid recht op minimaal vijf dagen scholing per jaar en een commissie­lid op drie scholingsdagen. Een OR-lid dat ook lid is van een OR-commissie mag dus minimaal acht dagen per jaar op scholing.

De scholings- en accommodatiekosten komen voor rekening van de organisatie, net als de loondoorbetaling tijdens de scholing. De Sociaal-Economische Raad (SER) geeft een goede indicatie van de kosten voor OR-scholing.

Op voordracht van de Commissie Bevordering Medezeggenschap (CBM) stelt de SER jaarlijks richtbedragen vast voor wat een kwalitatief goede OR-scholing per dagdeel mag kosten. Voor 2020 is dat € 1.055 voor maatwerkscholing van één OR en € 190 voor een individueel OR-lid dat deelneemt aan een OR-training voor verschillende organisaties.

Inhoud van OR-scholing verandert

In de praktijk blijkt dat er niet alleen sprake is van een verminderde vraag naar OR-scholing (minder dagdelen en kortere scholingen), maar dat ook de inhoud verandert.

In het verleden was er vooral vraag naar kennisoverdracht, teamvorming en ontwikkeling van gezamenlijke plannen. Tegenwoordig gaat het steeds meer om kennis over en begeleiding bij een actueel probleem waar de OR mee te maken krijgt.

Wat wel gebleven is, zijn introductiescholingen in de WOR, vooral voor nieuwe OR-leden.

Praktijkgerichte scholingsthema’s

De scholing levert het meeste op als u daarin echt met elkaar aan het werk gaat. U moet weliswaar op de hoogte zijn van de wettelijke regels, maar informatie en kennis zijn minder belangrijk dan vaardigheden en een gezamenlijk (werk)plan. U kunt de scholingsthema’s indelen in vijf blokken:

  • onderneming: wet, adviseren, overleggen, vertegenwoordigen en netwerken;
  • personeel: cao, personeelshandboek, vakbonden en initiatieven nemen;
  • arbo: OR-instrumenten, beoordelen praktijk en samenwerken met (externe) deskundigen;
  • eigen organisatie: strategie, belangen, vertegenwoordigen, werkwijze;
  • eigen functioneren: overleg met bestuurder, faciliteiten, visie, taakverdeling en coördinatie.

Toegenomen werkdruk

Er zijn dus nu steeds meer ondernemingsraden die niet meer jaarlijks met elkaar en onder leiding van een deskundige opleider (zie kader) kritisch (laten) kijken naar het eigen functioneren en plannen opstellen voor de toekomst. Dit komt niet alleen doordat de scholingssubsidie is weggevallen, ook de toegenomen werkdruk en de recente langdurige economische recessie spelen hierbij een rol.  

Ondernemingsraden blijken zo betrokken bij het wel en wee van de organisatie, dat zij – om kosten te besparen –al snel besluiten om alleen scholing te volgen als dat echt nodig is. Door (de nasleep van) de coronacrisis zal die neiging voorlopig blijven bestaan.

Vernieuwing is noodzakelijk

Toch is een goed functionerende OR van groot belang voor de organisatie en iedereen die er werkt. Als OR-lid verricht u uniek werk, dat u zonder scholing alleen van mederaadsleden kunt leren.

Een gebrek aan scholing vormt dan een rem op de noodzakelijke vernieuwing om de problemen aan te pakken waar uw OR tot dusver mee te maken heeft.

Een deskundige opleider laat uw OR de sterke en zwakke punten van uw raad zien en helpt u bij het aanpakken van de zwakke kanten. Omdat hij in zijn dagelijks werk veel verschillende ondernemingsraden ontmoet, kan hij u daarbij laten leren van de ervaringen, fouten en successen van anderen.

Zo kiest u een deskundige opleider

Stichting SCOOR-RMZO bewaakt de kwaliteit van OR-opleidingen. De stichting certificeert OR-opleidingsbureaus en registreert OR-opleiders. Zo kunt u nagaan of een opleiding en opleider van goede kwaliteit zijn.‘bouwen’.

Garantie
Een registratie is natuurlijk nog geen garantie voor een geslaagde opleiding. Laat bij een teamscholing daarom eerst enkele opleiders kennismaken met uw voltallige OR om te zien met wie u de beste ‘klik’ heeft. Bij voorkeur aan de hand van een lijst van onderwerpen die uw OR in de scholing behandeld wil zien. Dan kan de opleider u vertellen wat hij daarmee kan doen. Na afloop kunnen de leden dan zeggen of ze het vertrouwen hebben om met deze opleider in zee te gaan.

Belangrijke succesfactoren voor goed functioneren

OR-leden komen doorgaans uit alle hoeken en gaten van de organisatie en komen meestal alleen bij elkaar tijdens het OR-werk. Dat maakt het lastig om de interne samenhang van een OR in orde te houden. Een goede samenwerking en onderlinge afstemming zijn belangrijke succesfactoren voor het functioneren van de OR.

Tijdens een meerdaagse scholing kan een opleider meer teamvorming binnen de OR realiseren dan u met extra vergaderen kunt bereiken. Zeker als u dat ook nog buitenshuis doet, zodat u elkaar in de pauzes en ’s avonds aan de bar ook persoonlijk beter leert kennen.

Teamscholing aanpakken

Hoe pakt u dat dan aan, zo’n teamscholing? Bepaal eerst met elkaar welke onderwerpen u hierin aan bod wilt laten komen (zie kader).

Kijk vervolgens welke scholingsvorm u zoekt. Wilt u één of meer aaneengesloten dagen, dan kunt u ook de vooravond benutten en de dag rond 20:00 uur afronden met een diner. U heeft dan drie scholingsdagdelen op één dag. Zo komt u tot het aantal voor scholing beschikbare dagdelen.

Als u geen vaste opleider heeft, maak dan een keuze uit het grote aanbod en nodig niet meer dan drie opleiders uit, eventueel aan de hand van een offerte over de scholingskosten.

Let ook op verborgen kosten, zoals voorbereiding. De richtbedragen van de SER zijn all-in, maar exclusief BTW. De accommodatie­kosten heeft u zelf in de hand. De luxe en de ligging bepalen de prijs. Als u dicht bij de werkplek blijft, bestaat de kans dat één of meer leden thuis overnachten. Gaat u verder van huis, dan zult u ook buiten de scholingsblokken meer tijd met elkaar doorbrengen. Dat bevordert de teamvorming.

Scholingsplan voor de hele OR-zittingsperiode

De scholing van uw OR hoort een vast onderdeel van uw OR-werk te zijn. Stel daarom een scholingsplan op voor de gehele zittingsperiode en kies bij voorkeur een vaste opleider. Begin bij het begin: een introductiecursus waarin niet alleen de nieuwe leden de vereiste basiskennis krijgen, maar waarin uw OR – die sinds de verkiezingen een nieuwe samenstelling heeft – weer tot één team wordt gesmeed.

Bepaal in die eerste scholing ook in welke thema’s uw OR zich verder wil verdiepen en of dat in de vorm van individuele of gemeenschappelijke scholing moet. Zet dat uit in de beschikbare tijd. Vergeet niet om ook ruimte te reserveren voor een terug- en vooruitblik met uw eigen opleider. Sluit geen contracten af voor de verre toekomst; dan houdt u de vrijheid om uw plannen te wijzigen of een andere opleider te kiezen.

Verslag van de scholing

Hoe beter u de opleiders vooraf informeert, hoe beter u hen kunt beoordelen. Geef ze elk maximaal een halfuur om hun ideeën te presenteren en vragen te beantwoorden. Bepaal na afloop met elkaar in welke opleider u het meeste vertrouwen heeft. Laat niet slechts enkele leden de selectie maken; de scholing moet voor alle deelnemers waardevol zijn.

De meeste opleiders zijn heel goed in staat om de deelnemers bij afronding van de scholing een tevreden gevoel te geven. Een goed gevoel is echter niet bepalend voor de waarde van de scholing. Het gaat erom of de opleider erin slaagt om het functioneren van de OR te verbeteren.

Spreek daarom met de gekozen opleider af dat hij een verslag maakt van wat de scholing de OR heeft opgeleverd. Aan de hand hiervan kunt u bijvoorbeeld na drie maanden bepalen of de scholing geslaagd was. U schakelt deze opleider dan volgend jaar waarschijnlijk weer in. Hij kan dan nog beter aansluiten bij uw praktijk.