VERDIEPINGSARTIKEL

Artikel 34 WOR: Wie zitten er in een centrale of groepsondernemingsraad?

De leden van een ‘gewone’ ondernemingsraad worden gekozen door en uit de werknemers die de raad vertegenwoordigt. Zijn er niet meer kandidaten dan zetels, dan worden deze kandidaten zonder verkiezing automatisch OR-lid. Maar hoe gaat dat bij een centrale (COR) of groepsondernemingsraad (GOR)? De hoofdregel van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) is dat alle leden ook lid zijn van een van de ondernemingsraden die door de COR of GOR worden overkoepeld. Dan kan er hooguit per OR worden gestemd.


17 december 2019 5 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


In dit artikel leest u in welke gevallen er boven voortbestaande ondernemingsraden één of meer koepel­ondernemingsraden moeten zijn. Een koepelondernemingsraad is bijvoorbeeld een COR of een GOR. Dit keer is de samenstelling van de koepelondernemingsraad, zoals beschreven in artikel 34 WOR aan de orde.

Omvang COR en GOR

Voor de omvang van een OR biedt artikel 6 WOR houvast. Ook al is afwijken van deze bepaling toegestaan, het geeft een goed beeld van wat de wetgever zich voorstelt bij de omvang van een OR.

Voor een COR of GOR zult u vergeefs naar zo’n wettelijke richtlijn zoeken. Artikel 34, lid 3 bepaalt dat het aantal leden moet worden vastgesteld in het reglement van de koepel-OR. Dat daarbij moet worden gestreefd naar een zo goed mogelijke vertegenwoordiging van de verschillende groepen werknemers.

Tot slot, dat over de samenstellingsregels de betrokken raden moeten worden gehoord. Lid 4 voegt hier nog aan toe dat als er ondernemingen onder de koepel-OR vallen die geen eigen OR hebben, deze een rechtstreekse vertegenwoordiging kunnen krijgen. Als er wel een personeelsvertegenwoordiging (PVT) is, ligt het voor de hand dat deze de vertegenwoordiging levert.

Medezeggenschap op het hoogste niveau

Voor veel werknemers is wat er besloten wordt in de top van een groep samenwerkende ondernemingen of een groot concern iets waarmee ze weinig affiniteit hebben. In hun dagelijkse werk hebben ze ook meer met de eigen leiding te maken dan met de CEO of de raad van bestuur. Dat geldt ook voor OR-leden. Zij hebben daardoor misschien ook weinig interesse in het grote geheel.

 

Er zijn dan misschien weinig OR-leden te vinden die bereid zijn zich ook beschikbaar te stellen voor de COR of GOR. Toch is het van groot belang dat er medezeggenschap is op elk niveau in de organisaties waar beslissingen van belang worden genomen. Dat geldt zeker voor het hoogste niveau.

Omvang vaststellen

Wie de bepalingen heel minutieus toepast, creëert al gauw een groot en log medezeggenschapsorgaan. Stel dat een concern bestaat uit 5 ondernemingen waarvan A even groot is als B, C en D samen, terwijl E te klein is voor een OR, maar wel een vertegenwoordiging moet krijgen. Dan kan er al gauw een COR ontstaan met 1 (E) + 2 (D) + 2 (C) + 2 (B) + 6 (A) = 13 zetels.

Als de ondernemingen B, C en D onderling ook nog in omvang verschillen, kan dat reden zijn om dit ook in de afvaardiging van de COR tot uitdrukking te brengen, bijvoorbeeld 2, 3, en 4 zetels voor respectievelijk onderneming B, C en D.

Dat zijn samen negen zetels waardoor de OR van A op grond van zijn aantal werknemers al gauw meent ook recht te hebben op 9 zetels. De COR krijgt dan 19 zetels! Het is de vraag of dat nog werkbaar is. Het is beter om eerst te kijken naar de hoeveelheid plannen die de koepelondernemingsraad te behandelen krijgt.

Praktische oplossing

In een concern waarvan de deelnemende ondernemingen grotendeels zelfstandig zijn en alleen voor strategische beslissingen onderworpen zijn aan de gezamenlijkheid, blijft dat beperkt. Het gaat dan wel om belangrijke beslissingen die doorwerken in de afzonderlijke ondernemingen en waarbij de COR als gesprekspartner niet mag ontbreken. Dat vraagt vooral om een kleine en slagvaardige COR.

De beste samenstelling is dan misschien één zetel per OR. Als er ook sprake is van gemeenschappelijk personeelsbeleid en arbeidsvoorwaarden, kan dat reden zijn om uit te breiden naar 2 per OR.

Rekening houden met het aantal werknemers per onderneming is niet per se nodig.

 

Rekening houden met het aantal werknemers per onderneming is niet per se nodig. Dat is al gebeurd bij de samenstelling van de ondernemingsraden.

Getrapte verkiezingen

Artikel 34, lid 1 WOR bepaalt dat de leden van de OR uit hun midden hun eigen vertegenwoordiging kiezen en eventueel ook een plaatsvervanger per lid. Dat laatste is nuttig als een OR slechts één COR-lid heeft. Dan blijft bij ziekte of vakantie de vertegenwoordiging toch in stand.

Gebruikelijk is dat het reglement van de koepel-OR geen bepalingen bevat over de verkiezing, uitsluitend over de samenstelling en dus de herkomst van de leden. Elke OR bepaalt dan zelf welk lid (of leden) ook zitting neemt in de COR/GOR.

Als er meer kandidaten zijn dan zetels te bezetten, moet er gestemd worden. De meeste OR-reglementen eisen daarvoor een schriftelijke en geheime stemming.

Het grote verschil met de OR is dus dat de koepel-OR getrapt wordt gekozen

Het grote verschil met de OR is dus dat de koepel-OR getrapt wordt gekozen en niet rechtstreeks door de werknemers van het concern of de samenwerkende ondernemingen.

Vacature in de ondernemingsraad

Het reglement van een COR kan ook bepalen dat (een deel van) de leden gekozen worden door een bestaande GOR. Dat komt dan in de plaats van de verkiezing door de raden die onder de GOR vallen. Ook dat is een mogelijkheid om het aantal COR-leden beperkt te houden zonder dat dit ten koste gaat van de onderlinge afstemming tussen de verschillende lagen in de medezeggenschap.

Artikel 34, lid 5 WOR bepaalt dat zodra een lid van de COR of GOR zijn OR-lidmaatschap verliest, hij tegelijkertijd geen lid meer is van de COR of GOR. Er ontstaat dan een tussentijdse vacature waar de betreffende OR in moet voorzien.

Ook een uitsluiting van een bepaald lid van zijn OR-werkzaamheden (artikel 13 WOR) werkt door op diens activiteiten in de COR of GOR. Een vacature ontstaat daardoor echter niet.

De besluiten aan de top bepalen de toekomst van alle ondernemingen en werken door tot op elke werkvloer. Gelukkig heeft een OR vaak wel één of 2 leden die interesse hebben voor COR-lidmaatschap. Als dat niet zo is, mag dat niet leiden tot een vacature. Het wegvallen van een vertegenwoordiging in de koepel-OR betekent minder informatie én geen invloed.

Modelreglement

 

De SER heeft een modelreglement voor de OR gepubliceerd. Eén van de bijlagen bevat ook een modelreglement voor de COR of GOR (zie ser.nl). Dit reglement kunt u prima als voorbeeld voor het eigen reglement gebruiken.

 

Artikel 34, lid 6 en 7 WOR bepalen welke overige artikelen van de WOR ook gelden voor de COR en GOR. Zo moet de koepel-OR uit zijn midden een voorzitter en één of meer plaatsvervangende voorzitters kiezen die de COR/GOR in rechtsgedingen kunnen vertegenwoordigen.

 

Ook moet er een reglement komen dat vergelijkbaar is met dat van de OR, al zal er minder aandacht nodig zijn voor kandidaatstelling en de verkiezingsprocedure. Ook een koepel-OR mag commissies instellen, maar – in tegenstelling tot een OR – geen onderdeelcommissies.

Rechten van de koepel

De rechten op het raadplegen van deskundigen, loondoorbetaling tijdens het medezeggenschapswerk en scholing zijn gelijk aan die van een OR. Ook de geheimhoudingsplicht (artikel 20 WOR), bescherming tegen benadeling (artikel 21 WOR) en de ontslagbescherming (Burgerlijk Wetboek) gelden voor COR- of GOR-leden. De redelijkerwijs noodzakelijke kosten (artikel 22 WOR) komen voor rekening van de samenwerkende ondernemingen of het concern waarvoor de koepel-OR is ingesteld.

Een GOR of COR is ook OR

Uit de WOR valt op te maken dat een koepel-OR in veel opzichten ook een OR is. Er moet een reglement zijn dat grotendeels overeenstemt met een OR-reglement. De COR en GOR hebben vergelijkbare faciliteiten en rechten.

 

Een koepel-OR heeft een deel van de bevoegdheden van de onder hem vallende raden, maar ook zelfstandige bevoegdheden, die de raden niet hebben. Grote verschillen zijn de samenstelling, de verkiezing en de gesprekspartner. Een OR overlegt met de hoogste leiding van de onderneming en een COR of GOR met die van het concern, of de groep ondernemingen waarvoor hij is ingesteld. Omdat hij dat namens de raden doet, moet hij het contact goed onderhouden.