VERDIEPINGSARTIKEL

Eén jaar UBO-register: waar staan we nu?

De deuren van het Nederlandse UBO-register zijn sinds 27 september 2020 open. In dit register staan gegevens van de ‘ultimate beneficial owners’ van ondernemingen. Ofwel: de personen die uiteindelijk eigenaar zijn of de zeggenschap hebben.

We zijn inmiddels ruim een jaar verder met het register. Tijd voor een terugblik en een vooruitblik.


11 november 2021 3 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online en is geschreven door Jan de Wrede, advocaat bij Marxman Advocaten, e-mail: dewrede@marxman.nl


Hoe zat het ook alweer? Ondernemingen zijn zelf verantwoordelijk voor de inschrijving van hun UBO (of UBO’s) in het register, dat onderdeel is van het Handelsregister. Ondernemingen die vóór 27 september 2020 zijn opgestart hebben nog tot 27 maart 2022 de tijd.

Nieuwe inschrijvers moeten al direct een UBO opgeven. Naast bv’s moeten bijvoorbeeld ook stichtingen een UBO inschrijven, maar eenmanszaken niet (zie het kader hieronder).

Niet alle rechtsvormen in UBO-register

Het UBO-register geldt onder meer voor deze rechtsvormen:

  • niet-beursgenoteerde bv’s en nv’s;
  • stichtingen;
  • verenigingen (met volledige rechtsbevoegdheid of met beperkte rechtsbevoegdheid maar met onderneming);
  • onderlinge waarborgmaatschappijen;
  • coöperaties;
  • personenvennootschappen: maatschappen, vennootschappen onder firma, en commanditaire vennootschappen.

Het UBO-register geldt onder meer niet voor: eenmanszaken, beursgenoteerde bv’s en nv’s, 100% dochters van beursgenoteerde vennootschappen, verenigingen van eigenaars, bv’s (en andere rechtspersonen) in oprichting en verenigingen met beperkte rechtsbevoegdheid die geen onderneming drijven.

Openbare en niet-openbare gegevens

De onderneming moet verschillende gegevens van de UBO doorgeven. Een deel daarvan is (tegen een kleine betaling) voor iedereen in te zien, namelijk:

  • voornaam en achternaam;
  • geboortemaand en geboortejaar;
  • nationaliteit en woonland;
  • aard en omvang van het belang van de UBO.

De volgende gegevens zijn niet openbaar, maar zijn wel zichtbaar voor bijvoorbeeld de Belastingdienst:

  • BSN/buitenlands fiscaal identificatienummer (TIN);
  • geboortedag, geboorteland en geboorteplaats;
  • woonadres;
  • kopie van een geldig identiteitsdocument;
  • afschrift van document(en) waaruit de aard en omvang van het economische belang van de UBO blijkt.

Niet altijd duidelijk wie UBO is

In de praktijk blijkt het nog niet altijd meteen duidelijk te zijn wie als UBO moet worden aangemerkt. Bij een bv met een dga die 100% van de aandelen houdt is het overzichtelijk.

Maar hoe werken de regels bij preferente aandelen, of als de zeggenschap bij een Stichting Administratiekantoor (STAK) ligt? Een andere vraag is: wat gebeurt er met de informatie over de UBO als achteraf blijkt dat dit toch niet de ‘juiste’ UBO was?

Gezien de gedeeltelijke openbaarheid van het register is het belangrijk om eerst goed te laten beoordelen of de UBO juist is gekwalificeerd, voordat een onderneming allerlei gegevens deelt met het Handelsregister.

Veel ondernemingen hebben bezwaar tegen het register

Zorgen over privacy

De inschrijving van UBO’s bij bestaande ondernemingen loopt allerminst storm. Veel ondernemingen, zoals familiebedrijven, hebben bezwaar tegen het register. Zij maken zich zorgen over hun privacy.

In een gerechtelijke procedure heeft de rechter het UBO-register vooralsnog in stand gelaten. Maar de zorgen over privacy zijn er nog steeds, en inmiddels wil ook de Tweede Kamer dat het kabinet onderzoek doet naar de privacybescherming.

Of de privacyzorgen terecht zijn en of het UBO-register in strijd is met Europees recht speelt momenteel bij het Europese Hof van Justitie en bij een gerechtshof in Nederland. Maar of deze zaken tot gevolg kunnen hebben dat het UBO-register volledig van tafel moet is nu nog lastig te zeggen.

Sancties bij niet inschrijven

Dat het Handelsregister afgelopen augustus te maken kreeg met een datalek, zet de discussie over privacy nog meer op scherp. De UBO-inschrijvingen zullen naar verwachting achterblijven tot er meer opheldering komt vanuit het Handelsregister over de beveiliging van de data.

Mogelijk komen er ook nog andere wijzigingen in de inrichting van het register. Ook is nu nog de vraag of ondernemingen die hun UBO niet op tijd inschrijven te maken krijgen met sancties.

Kortom: ondanks dat het al een jaar open is, zijn er nog behoorlijk wat vraagtekens rondom het UBO-register. Hopelijk laten de antwoorden niet nog een jaar op zich wachten.