Hoe wordt een wetsvoorstel werkelijkheid?

Publicatiedatum 16 september 2019

Welke stappen moet een nieuw wetsvoorstel doorlopen voordat het helemaal klaar is om in werking te treden?

Voordat een nieuwe wet wordt afgekondigd en in werking treedt, moet een uitgebreide procedure worden doorlopen. De reden hiervoor is dat er niet lichtzinnig met wetgeving wordt omgegaan. Een nieuwe wet kan immers ingrijpende gevolgen hebben. Het gaat om de volgende stappen:

1. Voorbereiden en indienen wetsvoorstel

  • Op verzoek van een minister of staatssecretaris wordt een voorstel gemaakt door ambtenaren van het departement dat past bij het onderwerp.
  • Het voorstel wordt door de betrokken bewindspersoon in de ministerraad verdedigd.
  • Bij akkoord moet het voorstel voor advies worden voorgelegd aan de Raad van State. De Raad van State geeft vervolgens een niet bindend advies dat de Tweede Kamer kan gebruiken om het voorstel bij te werken.
  • Met het advies wordt het voorstel naar de Tweede Kamer gestuurd met een Memorie van Toelichting waarin het doel van de wet staat.

2. Voorstel gaat naar Tweede Kamer

  • De Tweede Kamer stelt het wetsvoorstel in handen van een vaste commissie.
  • De commissie bereidt de behandeling van het wetsvoorstel schriftelijk voor.
  • De minister brengt een verslag uit (de Memorie van Antwoord) en geeft daarin eventueel wijzigingen (amendementen) in het wetsvoorstel aan.
  • Een plenair debat vindt plaats waarin alle leden van de Tweede Kamer wijzigingen mogen voorstellen (ook de regering kan onderdelen wijzigen).
  • Over het gehele wetsvoorstel wordt gestemd en na akkoord gaat het voorstel naar de Eerste Kamer. De Eerste Kamer kent ook vaste commissies.

3. Schriftelijke voorbereiding

  • Schriftelijke voorbereiding door Kamercommissie.
  • Hierbij zijn 3 varianten mogelijk:
    • blanco eindverslag (directe afhandeling als hamerstuk);
    • verslag (er volgt een nota naar aanleiding van het verslag waarna direct een debat kan plaatsvinden);
    • voorlopig verslag (waarna via een memorie van antwoord wordt gereageerd).
    • De commissie bepaalt of er een tweede schriftelijke ronde nodig is. Zo niet, dan wordt er een eindverslag vastgesteld.

4. Debat

  • Debat vindt plaats waarbij de Eerste Kamer alleen kan aannemen of verwerpen.
  • Openbare behandeling in twee termijnen:
    • eerst spreken de betrokken Kamerleden namens hun fractie;
    • daarna geeft de bewindspersoon of geven de Tweede Kamerleden die het wetsvoorstel hebben ingediend antwoord.

5. Stemming in de Eerste Kamer

  • Aan het einde van de openbare behandeling wordt er gestemd.
  • Als niemand stemming vraagt, is het wetsvoorstel zonder stemming aangenomen.
  • De stemming kan uitgesteld worden als daar door een lid om wordt gevraagd.
  • Voor de stemming kunnen leden nog kort verklaren waarom ze vóór of tegen zijn (stemverklaring).
  • Een wetsvoorstel is aangenomen als er een volstrekte meerderheid van stemmen is (meer dan de helft van de stemmen).

6. Afkondiging en inwerkingtreding

  • De wet wordt door de Koning en betrokken ministers ondertekend. De minister van Justitie ondertekent altijd.
  • De wet wordt gepubliceerd in het Staatsblad.
  • De inwerkingtreding wordt geregeld in de wet zelf, bij Koninklijk besluit of bij een aparte wet inzake de inwerkingtreding.