Tijd dringt om uitstel VPB-aangifte aan te vragen

Ondernemingen die langer de tijd willen voor de aangifte vennootschapsbelasting (VPB) over het ‘coronajaar’ 2020, moeten voortmaken. Loopt het boekjaar van de onderneming gelijk met een kalenderjaar, dan moet het verzoek om uitstel uiterlijk 31 mei 2021 binnen zijn bij de Belastingdienst.

14 mei 2021 | Door redactie

De vuistregel voor de aangifte VPB is dat die vijf maanden na afloop van het boekjaar ingediend moet zijn. Bij een boekjaar dat gelijkloopt met het kalenderjaar is dat voor 2020 dus uiterlijk 31 mei 2021. Bij een gebroken boekjaar is de uiterste datum vijf maanden na afloop van het boekjaar. Dus bij een boekjaar dat loopt van 1 maart 2020 tot en met 28 februari 2021 is dat uiterlijk 31 juli 2021.

Uitstel VPB-aangifte aanvragen met formulier

Is de aangifte te laat binnen, dan kan de Belastingdienst een verzuimboete opleggen, van € 2.575. Ondernemingen die het niet op tijd redden kunnen ook uitstel aanvragen voor de aangifte. Standaard geeft de Belastingdienst vijf maanden uitstel. Dat uitstel moet dan wel binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar zijn aangevraagd. De meeste ondernemingen kunnen uitstel aanvragen via een digitaal formulier in Mijn Belastingdienst Zakelijk. Soms is het verplicht om een ander formulier te printen en per post op te sturen naar de fiscus. Dit is bijvoorbeeld het geval als het boekjaar niet gelijkloopt met het kalenderjaar.

Coronareserve aandachtspunt bij aangifte

Een aandachtspunt bij de VPB-aangifte over 2020 is de zogeheten coronareserve. Met die reserve konden ondernemingen alvast een verwacht verlies over 2020 verrekenen met de winst uit 2019. Op die manier wilde het kabinet ondernemingen vorig jaar snel wat financiële lucht geven. Voorwaarde is echter wel dat de gevormde coronareserve uiterlijk in het boekjaar 2020 weer helemaal vrijvalt in de winst.

Veel meer informatie en hulpmiddelen voor het invullen van de VPB-aangifte vindt u in onze toolbox ‘Stap voor stap door de aangifte vennootschapsbelasting’.