Aanscherping 30%-regeling is mogelijk illegaal

Buitenlandse werknemers moeten op minstens 150 kilometer van de Nederlandse grens hebben gewoond om een onbelaste vergoeding voor extraterritoriale kosten te kunnen krijgen. Het is echter nog maar de vraag of deze bepaling in de 30%-regeling past binnen het Europees recht.

18 februari 2013 | Door redactie

Sinds 2012 mogen buitenlandse werknemers alleen nog een onbelaste vergoeding voor extraterritoriale kosten krijgen als zij in de 24 maanden voorafgaand aan hun werk in Nederland minstens tweederde van de tijd op minimaal 150 kilometer van de Nederlandse grens woonden. Deze maatregel was onderdeel van de aanscherping van de 30%-regeling om misbruik tegen te gaan. Door de invoering van de 150-kilometergrens kunt u de 30%-regeling niet meer toepassen voor Belgische en Luxemburgse werknemers. Ook werknemers uit Noord-Frankrijk, grote delen van Duitsland en een klein deel van het Verenigd Koninkrijk komen niet langer voor de 30%-regeling in aanmerking.

Afwijken van Europees recht is gerechtvaardigd

Onlangs stelde een ingekomen grensarbeider bij de rechtbank in Breda dat de afstandbeperking in strijd is met het recht van de Europese Unie. De rechter was echter van mening dat de Nederlandse wetgever een zogenoemde objectieve rechtvaardigingsgrond had voor een eventuele inbreuk op het Europese recht. Het doel van de invoering van de 150-kilometergrens was namelijk om de regeling nauwer te laten aansluiten bij het oorspronkelijk bedoelde gebruik van de 30%-regeling. En de maatregel ging niet verder dan nodig was voor het bereiken van dat doel.

Inbreuk op vrij werknemersverkeer

Zes weken later besliste de rechtbank in Haarlem echter precies het tegenovergestelde. In een vergelijkbare zaak bepaalde deze rechter dat de 150-kilometergrens een inbreuk vormt op het vrije verkeer van werknemers binnen de Europese Unie. De afstandsbeperking leidt tot willekeur, en er zijn dus onvoldoende rechtvaardigingsgronden voor het verschil in behandeling.
Twee rechtbanken hebben nu dus verschillend beslist over dezelfde vraag. Tegen de uitspraak van Rechtbank Breda is de belanghebbende in sprongcassatie gegaan. Dit betekent dat het gerechtshof wordt overgeslagen en de zaak direct bij de Hoge Raad terechtkomt. Die heeft het laatste woord over de houdbaarheid van de 150-kilometergrens binnen de 30%-regeling.
Belastingrechter Breda, 8 november 2012, LJN: BY4061
Belastingrechter Haarlem, 18 december 2012, nr. 12/3680