Verduidelijking tijdelijke RVU-drempelvrijstelling

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen heeft de handreiking voor de interpretatie van het begrip regeling voor vervroegde uittreding (RVU) gewijzigd. Deze verduidelijkt de voorwaarden van de tijdelijke drempelvrijstelling.

10 mei 2021 | Door redactie

Werkgevers en oudere werknemers kunnen tussen 1 januari 2021 en 31 december 2025 onder voorwaarden een regeling voor vervroegd uittreden (RVU) afspreken, zonder dat de werkgever daarover de pseudo-eindheffing van 52% is verschuldigd. Daarvoor geldt een drempelvrijstelling. Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP) publiceerde eerder een handreiking over de RVU, waarin het CAP ingaat op een arrest van de Hoge Raad uit juni 2018. De Hoge Raad oordeelde toen dat het bij de beoordeling of een regeling een RVU is, gaat om de objectieve voorwaarden en kenmerken van de regeling. Aan deze handreiking is eerder dit jaar een onderdeel toegevoegd over de tijdelijke RVU-drempelvrijstelling. Dit onderdeel is onlangs verduidelijkt.

De voorwaarden op een rij

In de laatste paragraaf van de handreiking van het CAP staan de voorwaarden voor de tijdelijke RVU-drempelvrijstelling nog eens op een rij:

  • De RVU-uitkering vindt plaats in de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2025. Voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2028 geldt een uitloopperiode.
  • De drempelvrijstelling geldt zowel voor een uitkering ineens, als voor periodieke uitkeringen uit een RVU.
  • De drempelvrijstelling is alleen van toepassing op uitkeringen uit een RVU die plaatsvinden in de periode vanaf 36 maanden voorafgaande aan de AOW-leeftijd van een werknemer.
  • De drempelvrijstelling bedraagt maximaal € 1.847 (bedrag 2021) en wordt berekend per maand, aan de hand van het aantal maanden vanaf de (eerste) uitkering tot aan het bereiken van de AOW-leeftijd van de werknemer, met een maximum van 36 maanden. Bedraagt het (totale) bedrag van de uitkering(en) uit een RVU meer dan het bedrag van de drempelvrijstelling, dan is over het meerdere 52% RVU-heffing verschuldigd.