Crisisheffing is niet snel buitensporige last

Werkgevers die in 2013 of 2014 bezwaar hebben gemaakt tegen de extra crisisheffing, komen niet makkelijk onder deze extra 16% belasting uit. Dat is onlangs weer gebleken uit twee recente uitspraken.

13 mei 2016 | Door redactie

Rechtbank Zeeland-West-Brabant deed kortgeleden uitspraak in twee zaken waarin werkgevers bezwaar hadden gemaakt tegen de pseudo-eindheffing hoog loon die ze in 2013 en 2014 extra verschuldigd waren over het loon van werknemers dat in het voorgaande kalenderjaar de € 150.000 overschreed. Ze vonden dat hun organisatie te zwaar werd belast door deze crisisheffing.

In lijn met eerdere beslissing van Hoge Raad

De rechtbank stelde vast dat de geheven crisisheffing bij geen van deze werkgevers meer dan 1,5% van de totale loonsom van de organisatie was. Voor de ene organisatie gold bovendien dat de winst hoog genoeg was om de crisisheffing te kunnen voldoen. De andere organisatie kon niet onderbouwen dat de crisisheffing een buitensporige en excessieve last vormde. Beide werkgevers kregen dus nul op het rekest; hun beroep werd ongegrond verklaard. De rechter verwees daarbij naar de knopen die de Hoge Raad hier begin dit jaar over doorhakte.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25 maart 2016, ECLI (verkort): 1952 en 1953