Er mogen ook meer of minder leden in de OR

Een ondernemingsraad (OR) bestaat uit leden die door de werknemers uit hun midden worden gekozen. De Wet op de Ondernemingsraden (WOR) schrijft voor uit hoeveel leden de OR moet bestaan en hoe lang zij zitting nemen in de OR. De OR mag hier echter van afwijken.

13 september 2019 | Door redactie

Iedere organisatie met vijftig werknemers of meer, moet een ondernemingsraad instellen. Ook als de organisatie minder werknemers telt, mag de bestuurder een OR oprichten. Sommige cao’s schrijven dit zelfs voor. Anders is bij tien tot vijftig werknemers een personeelsvertegenwoordiging (PVT) de manier om de medezeggenschap in de organisatie te regelen. Dit is zelfs verplicht als de meerderheid van de werknemers hierom vraagt of als dit in de cao zo is bepaald.

Omvang OR hangt af van grootte organisatie

In artikel 6 WOR staat uit hoeveel leden de OR moet bestaan. Dit is afhankelijk van het aantal werknemers. De OR telt:

  • bij minder dan 50 personen 3 leden (dit geldt ook voor de PVT)
  • bij 50 tot 100 personen 5 leden
  • bij 100 tot 200 personen 7 leden
  • bij 200 tot 400 personen 9 leden
  • bij 400 tot 600 personen 11 leden
  • bij 600 tot 1.000 personen 13 leden
  • bij 1000 tot 2.000 personen 15 leden
  • en bij elk volgend duizendtal 2 leden meer, tot maximaal 25 leden

Afwijken van de WOR

In overleg met de bestuurder mag de OR afwijken van de aantallen die de WOR voorschrijft. De OR mag dus uit meer of minder leden bestaan. In ieder geval moet in het OR-reglement staan uit hoeveel leden de OR bestaat. Dit aantal moet gelijk blijven tijdens de zittingstermijn van de OR, ook als de onderneming in die periode sterk groeit of krimpt.