Straks twee maanden betaald ouderschapsverlof

Alle werknemers binnen de Europese Unie (EU) krijgen recht op minimaal vier maanden ouderschapsverlof, waarvan in ieder geval twee maanden betaald moeten zijn. Dat staat in een richtlijn waarmee het Europees Parlement heeft ingestemd.

9 april 2019 | Door redactie

Begin dit jaar bereikten het voorzitterschap van de Europese Raad en het Europees Parlement al overeenstemming over de EU-richtlijn. In de richtlijn staan minimumeisen voor de verlofregels die moeten gelden voor alle werknemers binnen de EU. Inmiddels heeft het Europees Parlement definitief ingestemd met de regels.

Maatregelen uit de EU-richtlijn

Werknemers binnen de EU krijgen door de invoering van de richtlijn recht op:

  • minimaal vier maanden ouderschapsverlof, waarvan ten minste twee maanden betaald moeten zijn. Dit laatste is een belangrijke wijziging, omdat het ouderschapsverlof in Nederland nu onbetaald is, tenzij in de cao iets anders is overeengekomen. Het is nog niet duidelijk of het betaalde ouderschapsverlof in Nederland voor rekening van de werkgever of de overheid komt. Daarnaast is niet bepaald hoe hoog de loonbetaling of uitkering moet zijn. Wel hebben de lidstaten vastgesteld dat dit op een ‘adequaat niveau’ moet zijn.
  • minimaal tien dagen betaald kraamverlof na de bevalling van de partner. De duur van het geboorteverlof is in Nederland op dit moment éénmaal de wekelijkse arbeidsduur. Per 1 juli 2020 komt hier het aanvullend geboorteverlof bij. De duur van dit verlof is vijfmaal de wekelijkse arbeidsduur. Tegen de tijd dat de Europese richtlijn van toepassing moet zijn, voldoet Nederland dus al aan deze regel.
  • minimaal vijf dagen per jaar mantelzorgverlof. In Nederland kan een werknemer hiervoor al zorgverlof opnemen. In een jaar heeft een werknemer recht op twee keer zijn wekelijkse arbeidsduur aan kortdurend zorgverlof. Tijdens dit verlof moet de werkgever minimaal 70% van het salaris doorbetalen aan de werknemer. Een werknemer kan ook langdurend zorgverlof opnemen, maar dit is wettelijk gezien onbetaald.
  • het indienen van een verzoek voor flexibele werktijden. Door de Wet flexibel werken hebben Nederlandse werknemers dit recht al.

Het kabinet moet de Europese richtlijn binnen drie jaar omzetten in Nederlandse wetgeving. Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft aangegeven dat hij eind dit jaar de eerste contouren van de nieuwe wetgeving bekend wil maken.