Geen ontbinding na weigeren drugstest

Als een werknemer weigert om mee te werken aan een drugstest, wilt u misschien dat de rechter de arbeidsovereenkomst ontbindt. De weigering is voor de rechter echter niet altijd een reden om tot ontbinding over te gaan. Specifieke omstandigheden kunnen ervoor zorgen dat het belang van de werkgever moet wijken voor het belang van de werknemer. Onlangs boog de kantonrechter in Amsterdam zich over zo’n kwestie.

10 oktober 2013 | Door redactie

Het ging om een werknemer van een stichting die woonplekken biedt aan verslaafden. De werknemers zijn zelf ex-verslaafden. In hun arbeidsovereenkomst stond dat de werkgever hen op elk moment kan vragen om een drugstest af te leggen. Weigering van de test of een positief testresultaat zou leiden tot een directe beëindiging van het dienstverband. Toen een werknemer het haar van een collega afknipte, vroeg de werkgever hem om een drugstest af te leggen. De werknemer weigerde dit en werd op staande voet ontslagen. Ook vroeg de werkgever de rechter om de arbeidsovereenkomst te ontbinden, voor het geval het ontslag op staande voet geen stand zou houden.

Werkgever heeft belang bij afnemen van drugstest

De rechter vond dat de werkgever een groot belang had bij het nakomen van de verplichting om een drugstest af te leggen. Het weigeren van de test zou daarom een dringende reden op kunnen leveren om het dienstverband te ontbinden. De rechter was echter niet zeker of er in dit geval sprake was van een dringende reden. De werknemer kwam namelijk kort na het weigeren terug op zijn beslissing en wilde alsnog een drugstest afleggen, maar de werkgever ging hier niet op in. Ook was het niet duidelijk hoe de zaken precies waren gelopen bij het eerste verzoek om een drugstest. Het was overigens de eerste keer dat een werknemer werd gevraagd om een test af te leggen.

Kantonrechter kijkt ook naar persoonlijke omstandigheden

De rechter houdt bovendien rekening met de persoonlijke omstandigheden als hij de belangen van de werkgever en werknemer tegen elkaar afweegt. In dit geval – hoewel het belang van de werkgever groot was – wogen de persoonlijke omstandigheden van de werknemer zwaarder. Hij had een zeer moeilijke positie op de arbeidsmarkt en had daarom een zeer groot belang bij handhaving van zijn dienstverband. Ook omdat hij bezig was met de afbetaling van zij schulden. Na het afwegen van deze belangen wees de rechter het ontbindingsverzoek af.
Kantonrechter Amsterdam, 5 juni 2013, ECLI (verkort): 3910