Tips voor een eerste managersfunctie

U heeft een nieuwe functie en gaat voor het eerst leidinggeven. Of dat nu op een plek is waar u al werkzaam bent of dat u ergens nieuw binnenkomt, uw nieuwe baan vraagt om een andere professionele houding.

30 oktober 2019 | Door redactie

Medewerkers die een grapje willen uithalen dat arbotechnisch niet helemaal door de beugel kan: opeens moet u er 'iets van vinden'. Of u valt in een web van kantoorintriges, krijgt te maken met medewerkers die eigenlijk uw baan wilden of u moet als vrouw archaïsch ingestelde mannen gaan managen die niet gediend zijn van de andere sekse boven zich. Lastig? Zeker. Maar ook als nieuwbakken leidinggevende kunt u de kantoorjungle overleven.

Andere rol als leidinggevende

Als leidinggevende vervult u een andere rol dan als collega. Puur praktisch houdt het in dat u niet meer altijd meeloopt tijdens de lunchwandeling en u krijgt niet meer alle werkgerelateerde zaken op de werkvloer te horen. Blijf wel gewoon oog houden voor het collegiale aspect: vraag waarom die ene medewerker een huilbui had en informeer naar de zieke vader van de andere medewerker. Dat geeft inzicht en zo kunt u eerder ingrijpen als er iets mis dreigt te gaan.

Fouten maken mag

Stel u open en enigszins kwetsbaar op. Wanneer u een fout maakt, geef dat dan ook eerlijk toe. Dat komt krachtiger over dan altijd maar onfeilbaar willen zijn. Maar roep niet steeds dat u het niet weet. Dat komt niet bepaald daadkrachtig over. Medewerkers willen geleid worden door iemand die richting kan geven, die ze kunnen vertrouwen en die ze enthousiasmeert.

Delegeren hoort erbij 

In uw nieuwe functie bent u niet meer uitvoerend bezig, maar leidend. U bent niet meer alleen bezig met het uitvoeren van uw eigen taak, maar ook of uw medewerkers hun taken wel goed uitvoeren. Delegeren hoort daar ook bij. Dat houdt in: deels loslaten en medewerkers het op hun eigen manier laten doen. Dat kan moeilijk zijn omdat u wellicht zelf een expert bent op een bepaald gebied. Maar u bent nu verantwoordelijk voor een hele afdeling, en u kunt niet alle gaatjes dichtlopen. Laat uw medewerkers dingen uitproberen, fouten maken en leren.

Neem de tijd

Neem ook de tijd om te wennen aan uw nieuwe rol en aan de organisatie. Voer kennismakingsgesprekken met uw medewerkers en vraag desnoods om een mentor die u de eerste tijd begeleidt. Houd een realistisch beeld voor ogen voor wat u de eerste maanden kunt doen en ren uzelf niet voorbij. Ga er maar alvast vanuit dat u soms impopulaire beslissingen zult moeten maken, dat scheelt een hoop stress.