Ontslagvergunning buitenlandse werknemer

Als u de arbeidsovereenkomst van een buitenlandse werknemer wilt beëindigen, heeft u ook een ontslagvergunning nodig als u niet zeker weet of hij na het ontslag zal terugvallen op de Nederlandse arbeidsmarkt. Dat blijkt uit een zaak waarover de Hoge Raad zich onlangs heeft uitgesproken. Het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 (BBA) kan dus ook van toepassing zijn op buitenlandse werknemers.

4 april 2012 | Door redactie

De Hoge Raad heeft onlangs geoordeeld dat artikel 6 en 9 van het BBA ook van toepassing zijn op een buitenlandse werknemer die werkzaam is voor een Nederlandse werkgever en van wie u niet zeker weet of hij na zijn ontslag uit Nederland vertrekt. In artikel 6 van het BBA staat dat u een ontslagvergunning van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen nodig heeft als u een arbeidsovereenkomst wilt beëindigen. In artikel 9 van het BBA staat dat het ontslag vernietigbaar is als de arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig is opgezegd.

Toestemming voor ontslag nodig

In deze zaak ging het om een werknemer met de Amerikaanse nationaliteit die in 2005 bij Nuon in Nederland in dienst was getreden. Op 28 juli 2006 had Nuon de arbeidsovereenkomst opgezegd. Volgens Nuon was toestemming van UWV WERKbedrijf niet vereist, omdat het BBA niet zou gelden voor deze buitenlandse werknemer. De werknemer was het daar niet mee eens en vernietigde de opzegging.
Volgens Nuon was er geen toestemming voor ontslag nodig omdat de werknemer na het einde van de arbeidsovereenkomst zou terugkeren naar de Verenigde Staten en dus niet op de Nederlandse arbeidsmarkt zou terugvallen. Volgens de Hoge Raad kon Nuon er niet zomaar van uitgaan dat de werknemer na opzegging zou terugkeren naar de VS. Bovendien moeten de bepalingen in het BBA volgens ons hoogste rechtsorgaan tegenwoordig anders worden uitgelegd.

Bescherming tegen ongerechtvaardigd ontslag

De bepalingen in het BBA dienen niet langer alleen ter bescherming van de Nederlandse arbeidsmarkt, maar steeds meer ter bescherming van de werknemer tegen sociaal ongerechtvaardigd ontslag, ongeacht zijn nationaliteit (mits de Nederlandse arbeidsverhoudingen niet verstoord worden). Het doel en de functie van het BBA zijn dus in de loop der tijd veranderd. Artikel 6 en 9 van het BBA waren gewoon van toepassing op deze arbeidsovereenkomst. De vernietiging van de opzegging was daarmee terecht.
Hoge Raad, 24 februari 2012, LJN: BU8512