OR-scholing

OR-leden hebben een wettelijk scholingsrecht. Dit scholingsrecht is vastgelegd in artikel 18 lid 2 en 3 van de Wet op de ondernemingsraden (WOR). Door dit scholingsrecht hebben OR-leden recht op minimaal vijf dagen scholing per jaar. Voor een lid van een OR-commissie die niet in de OR zit, is dit drie dagen per jaar en voor OR-leden die ook in een OR-commissie plaatsnemen, gaat het om minimaal acht dagen per jaar. De bestuurder moet deze werknemers onder werktijd en met behoud van loon in de gelegenheid stellen om die scholing te volgen. Ook is het belangrijk dat de scholing die door de OR-leden wordt gevolgd van voldoende kwaliteit is. In artikel 22 WOR is expliciet vastgelegd dat de bestuurder verplicht is om de kosten voor de scholing van de OR te betalen. De Sociaal-Economische Raad (SER) kan richtbedragen vaststellen voor de kosten van de scholing en vorming van OR-leden.

Scholingsrecht niet alleen voor OR-leden

In de Wet werk en zekerheid is ook een wettelijk scholingsrecht opgenomen voor werknemers. Daardoor zal de werkgever de werknemers in staat moeten stellen om noodzakelijke scholing voor de functie te volgen. Het scholingsrecht voor werknemers geldt sinds 1 juli 2015.

 

Tools

Competenties OR-lid
Stappenplannen

Vraag en antwoord

Hoe kunnen we als OR het beste scholing kiezen?
Het is een heel goed idee om als eerste OR in een organisatie zo snel mogelijk een OR-scholing te volgen. Het is de beste en snelste manier om met elkaar de koers uit te zetten, werkafspraken te maken en eigen prioriteiten te kiezen. Van tijd tot tijd een teamscholing is voor elke OR van... Lees het hele antwoord