Compensatie transitievergoeding te duur?

De Raad van State heeft kritisch gereageerd op het wetsvoorstel voor compensatie van de transitievergoeding na ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. De Raad wijst erop dat de vergoedingsregeling ervoor zorgt dat de kosten voor individuele werkgevers dalen, maar dat de kosten voor werkgevers gezamenlijk stijgen.

28 maart 2017 | Door redactie

Door het wetsvoorstel krijgen werkgevers straks mogelijk een compensatie voor de transitievergoeding als zij een werknemer na twee jaar ziekte ontslaan. Volgens de Raad van State pakt dit wetsvoorstel echter niet de kern van het probleem aan; namelijk de oplopende kosten bij arbeidsongeschiktheid van een werknemer. Hoewel deze kosten straks voor individuele werkgevers worden verminderd, draaien werkgevers hier gezamenlijk nog steeds voor op door een verhoging van de Awf-premie (Algemeen werkloosheidsfonds). Daarnaast zal de regeling volgens de Raad tot hoge uitvoeringskosten leiden en een grote impact hebben op UWV.

Raad wil transitievergoeding volledig laten vervallen

De Raad van State had dan ook liever gezien dat het kabinet de transitievergoeding bij ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid zou laten vervallen. Het kabinet vindt dit echter onwenselijk omdat dit in strijd is met de gelijkebehandelingswetgeving én werknemers die arbeidsongeschikt zijn ook de middelen aangereikt moeten krijgen om (op termijn) weer een nieuwe baan te vinden. Ook een aanpassing van de loondoorbetalingsplicht bij ziekte had de Raad een goede oplossing gevonden, maar volgens het kabinet wordt daarmee vooruitgelopen op de uitkomst van het onderzoek van de SER hiernaar.

Administratie zieke werknemers bewaren

Als het wetsvoorstel voor de compensatie van de transitievergoeding wordt goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer, treedt de compensatieregeling per 1 januari 2019 in werking. Aangezien de maatregel met terugwerkende kracht wordt ingevoerd, is het voor werkgevers verstandig om de administratie van werknemers die nu al ziek uit dienst gaan goed te bewaren. Zij moeten zich bovendien bewust zijn van het risico van een slapend dienstverband: de hogere transitievergoeding die hierdoor ontstaat, krijgt een werkgever straks slechts gedeeltelijk vergoed.