Rechters staan slapend dienstverband toe

Een werkgever die een werknemer na twee jaar ziekte in dienst houdt – en op die manier (nog) geen transitievergoeding betaalt – handelt niet onwettig. Dit is te concluderen uit recente uitspraken.

31 december 2015 | Door redactie

In de afgelopen maanden hebben diverse rechters geoordeeld dat werkgevers zieke werknemers na twee jaar ziekte in dienst mogen houden. De werkgever hoeft dan geen loon en (niet direct) de transitievergoeding te betalen. Eerder had minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid al aangekondigd geen maatregelen te nemen tegen organisaties die zo de transitievergoeding proberen te omzeilen. Toch getuigt het niet van goed werkgeverschap. Een werknemer zou de handelswijze van zijn werkgever door een rechter kunnen laten aanmerken als ernstig verwijtbaar handelen.

Geen ernstig verwijtbaar handelen bij slapend dienstverband

Begin december stelde de kantonrechter in Almere echter dat een werkgever niet ernstig verwijtbaar had gehandeld door een werkneemster na twee jaar ziekte in dienst te houden. Van dergelijk handelen is slechts in uitzonderlijke situaties sprake. De zieke werkneemster – die om ontbinding had verzocht vanwege een verstoorde arbeidsrelatie – kreeg zodoende geen transitievergoeding of billijke vergoeding mee. Hoewel de rechter het aannemelijk vond dat de werkgever het dienstverband in stand hield om de vergoeding te ontlopen, oordeelde hij evenwel dat er geen verplichting bestond om het contract na twee jaar ziekte te beëindigen.

Gerechtshoven zijn mogelijk andere mening toegedaan

Een soortgelijke conclusie trok onder meer een rechter in Rotterdam, waar een werkneemster in kort geding een opzegging vanwege langdurige ziekte wilde en – zonder succes – een transitievergoeding vorderde omdat de werkgever de betaling hiervan zou proberen te vermijden. Deze rechter stelde zelfs dat het niet betalen van de transitievergoeding (tool) een reden kon zijn om een werknemer in dienst te houden.
Als de werknemers uit bovenstaande zaken doorprocederen, zal blijken of het oordeel dat slapende dienstverbanden gerechtigd zijn ook in hoger beroep stand houdt.
Rechtbank Midden-Nederland, 2 december 2015, ECLI (verkort): 8495
Rechtbank Rotterdam, 6 november 2015, zaaknummer: 4517329