Vrije ruimte WKR benutten voor een onbelaste bonus

Het kan aantrekkelijk zijn – voor werknemer én werkgever – om een (deel van een eindejaars)bonus onder te brengen in de vrije ruimte. Die is dit jaar immers extra hoog. Tot een bedrag van € 2.400 is de Belastingdienst akkoord.

26 oktober 2020 | Door redactie

De Belastingdienst beschouwt vergoedingen en verstrekkingen van maximaal € 2.400 per werknemer per jaar als gebruikelijk. De afwijking van 30% van de gebruikelijkheidstoets (zie hieronder) geldt dus niet voor dit bedrag. Dat betekent dat bijvoorbeeld een bonus aan werknemers die op jaarbasis niet boven de € 2.400 uitkomt, niet ongebruikelijk is. De werkgever kan deze dus zonder meer als eindheffingsloon ten laste van de vrije ruimte brengen. En deze vrije ruimte is dit jaar extra groot. 

Eenmalige verhoging vrije ruimte WKR

Sinds 1 januari van dit jaar geldt er een nieuwe systematiek voor de vrije ruimte in de werkkostenregeling: over het eerste deel van de loonsom mag de werkgever 1,7% rekenen. Over de rest geldt een percentage van 1,2%. De coronacrisis heeft daar met terugwerkende kracht tot 1 januari verandering in gebracht: alleen voor dit jaar is de vrije ruimte verhoogd naar 3% over de eerste € 400.000 van de loonsom. De verruiming kan erg gunstig zijn voor de werkgever, omdat vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen die hij aanwijst als eindheffingsloon en in de vrije ruimte stopt, niet alleen voor de werknemer onbelast blijven. De werkgever betaalt er – zolang hij de vrije ruimte niet overschrijdt – ook geen werkgeverslasten over en dat scheelt gemiddeld zo'n 23,5%. Boven de vrije ruimte is het aangewezen eindheffingsloon voor de werknemers nog steeds onbelast, maar is de werkgever 80% eindheffing over het bovenmatige verschuldigd. 

Bonus van € 2.400 kan onbelast blijven

In principe is de werkgever vrij om de keuze te maken om belaste vergoedingen en verstrekkingen als loon bij de werknemers of als eindheffingsloon ten laste van de vrije ruimte te verwerken. Maar om ervoor te zorgen dat het gebruik van de vrije ruimte binnen de grenzen der redelijkheid blijft, is de gebruikelijkheidstoets (tool) in het leven geroepen. Deze toets houdt in dat de als eindheffingsloon aangewezen vergoedingen en verstrekkingen niet meer dan 30% mogen afwijken van wat gebruikelijk is in vergelijkbare omstandigheden. Alles wat boven die 30% uitkomt, is loon voor de werknemer. Maar zoals gezegd: vergoedingen, verstrekkingen of terbeschikkingstellingen van maximaal € 2.400 per persoon per jaar beschouwt de fiscus als gebruikelijk.