Is een beëindigingsovereenkomst ook een vaststellingsovereenkomst?

19 oktober 2020

Onze organisatie staat voor een grote reorganisatie en we willen om die reden verschillende medewerkers een voorstel doen voor beëindiging van het dienstverband met wederzijds goedvinden. Nu lezen we de ene keer dat we die afspraken vast moeten leggen in een beëindigingsovereenkomst en een andere keer lezen we over een vaststellingsovereenkomst. Wat is nu precies het verschil?

Een beëindigingsovereenkomst is in de praktijk vrijwel altijd aan te merken als een vaststellingsovereenkomst.

Algemeen overeenkomstenrecht

Alle overeenkomsten vallen onder de regels van het algemene overeenkomstenrecht, dus ook de beëindigingsovereenkomst. Dit algemene overeenkomstenrecht staat in titel 5 van hoofdstuk 6 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

Bijzondere overeenkomsten

Naast het algemene overeenkomstenrecht bestaat een extra, aanvullende regeling voor bijzondere overeenkomsten. Dit is geregeld in boek 7 BW. Bekende voorbeelden van bijzondere overeenkomsten waarvoor extra regels gelden, zijn de arbeidsovereenkomst en de huurovereenkomst.

Vaststellingsovereenkomst

Ook één van die bijzondere overeenkomsten is de vaststellingsovereenkomst (vanaf 7:900 BW). Deze aanvullende wettelijke regels zijn van toepassing op alle overeenkomsten die voldoen aan de definitie van een vaststellingsovereenkomst. Die definitie is:

'Bij een vaststellingsovereenkomst binden partijen, ter beëindiging of ter voorkoming van onzekerheid of geschil omtrent hetgeen tussen hen rechtens geldt, zich jegens elkaar aan een vaststelling daarvan, bestemd om ook te gelden voor zover zij van de tevoren bestaande rechtstoestand mocht afwijken.'

Kort gezegd: in een vaststellingsovereenkomst leggen partijen vast wat - volgens hen - de feiten (zouden moeten) zijn. Die vastlegging heeft als doel om een geschil te laten eindigen of om een geschil of een onzekerheid te voorkomen.

Beëindigingsovereenkomst

Een beëindigingsovereenkomst voldoet eigenlijk altijd wel aan deze defintie. De werkgever en de werknemer leggen immers samen vast dat het dienstverband zal eindigen en wat ze aan elkaar in dat verband aan elkaar verschuldigd zijn. Hiermee voorkomen ze een rechtszaak en/of een geschil met een onzekere uitkomst.

Dus, zowel het algemene overeenkomstenrecht als het bijzondere overeenkomstenrecht voor vaststellingsovereenkomsten is van toepassing op de beëindigingsovereenkomst. Hierbij hebben de bijzondere regels voorrang op de algemene regels.

Waarom is het verschil belangrijk?

Het is van belang dat voor de vaststellingsovereenkomst (en dus de beëindigingsovereenkomst) aanvullende wettelijke regels gelden, bovenop het algemene overeenkomstenrecht.

Bij een vaststellingsovereenkomst mogen partijen bijvoorbeeld vaak afspraken maken die in strijd zijn met het dwingende recht. Dat mag in een gewone overeenkomst niet.