Werknemer betaalt voor WW-aanvulling via cao

Ook al gaan werknemers niet meer via de premies werknemersverzekeringen bijdragen aan de WW-premie, er staat wel degelijk een WW-premie voor werknemers op stapel. Die wordt per 2016 door cao’s voorgeschreven om de beperking van de WW-duur op te vangen.

2 december 2015 | Door redactie

De sociale partners binnen de Stichting van de Arbeid hebben met minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid afgesproken om de verkorting van de uitkering op grond van de Werkloosheidswet (WW) via de cao’s op te vangen. Vanaf 2016 wordt de duur van de WW-uitkering die (ex-)werknemers via UWV ontvangen, stapsgewijs teruggebracht van drie naar twee jaar (e-learning). Maar via de cao’s wordt deze verkorting dus weer ongedaan gemaakt.

Kosten voor rekening van werknemer

Die extra WW-duur moet natuurlijk wel gefinancierd en geregeld worden. De kosten komen voor rekening van de werknemer. De Stichting van de Arbeid heeft aangegeven dat werknemers hiervoor in 2016 en 2017 een WW-cao-premie gaan betalen van 0,2%. Deze premie zal daarna oplopen naar 0,75%. Werknemers gaan niet weer bijdragen aan de WW-premie via hun brutoloon, maar moeten deze premie vanuit hun nettoloon betalen.
Minister Asscher wil niet dat UWV de extra regeling gaat uitvoeren. Dat moeten de werkgevers- en werknemersorganisaties zelf maar regelen. Wel heeft hij aangegeven dat UWV gegevens beschikbaar kan stellen voor de uitvoering van de WW-aanvulling in de cao’s.

Geen cao voor 30% van de werknemers

Omdat het om regelingen binnen de cao’s gaat, zal de WW-cao-premie niet voor alle werknemers gaan gelden. Wel heeft Asscher aangegeven dat hij bereid is om deze cao-afspraken voor hele bedrijfstakken algemeen verbindend te verklaren.
Ongeveer 30% van de beroepsbevolking valt niet onder een cao. Maar werkgevers- en werknemersorganisaties vinden dat de aanvulling van de WW-uitkering ook geregeld moet worden voor werknemers zonder cao.