Ontslag

Als een werknemer het dienstverband wil beëindigen, neemt hij ontslag. In zijn arbeidsovereenkomst staat meestal een opzegtermijn. Dit geeft zijn werkgever de tijd om vervanging te vinden. Ontslag op initiatief van de werkgever is aan veel regels gebonden. De meest directe vorm van ontslag is op staande voet, als bijvoorbeeld is gebleken dat de werknemer gefraudeerd heeft. Maar in veel gevallen duurt een ontslagprocedure langer. Bij zo'n ontslag moet een werkgever toestemming vragen aan UWV voor het ontslag of de kantonrechter vragen de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Heeft het ontslag te maken met bedrijfseconomische gronden, dan moet de werkgever dit onderbouwen door cijfers te overleggen. Als de werknemer wordt ontslagen wegens disfunctioneren, moet de werkgever dit ook bewijzen. Dit kan bijvoorbeeld met het personeelsdossier, waarin het functioneren van de werknemer is bijgehouden.

Ontslagrecht flink op de schop gegaan

De regels voor het ontslag, het ontslagrecht, zijn in 2015 behoorlijk veranderd. De Wet werk en zekerheid ging toen in. De wet moet het ontslagrecht versoepelen, maar ook flexwerkers meer zekerheid bieden. Zo moeten werknemers na twee jaar een vast contract krijgen, dit was eerder na drie jaar. Ook mogen werkgevers niet zomaar meer een concurrentiebeding opnemen in tijdelijke contracten. Voor werknemers met een contract van zes maanden of korter is de proeftijd verdwenen.

 

Tools

E-learning

Ontslag op staande voet: wat nu?
Videocollege
12 minuten
Publicatiedatum: 22-12-2017
Dossieropbouw bij disfunctioneren
Videocollege
10 minuten
Publicatiedatum: 18-12-2017

Vraag en antwoord

Wat is de bedenktermijn na ontslag met wederzijds goedvinden?
Sinds 1 juli 2015 hebben werknemers een bedenktijd van twee weken na het tekenen van een beëindigingsovereenkomst - ook wel bekend als vaststellingsovereenkomst - of als zij instemmen met ontslag met wederzijds goedvinden. Dit is onderdeel van de Wet werk en zekerheid (WWZ). De werknemer... Lees het hele antwoord